Als afgestudeerde beschikt u over competenties in zeven taakgebieden, te weten: klinisch handelen, communicatie, organisatie, samenwerking, maatschappelijk handelen, kennis en wetenschap en professionaliteit. U verwerft uw beroepscompetenties in samenhang met academische competenties.
U kunt dan:
- functioneren als expert voor een specifieke patiëntcategorie;
- lichamelijk onderzoek verrichten op basis van anamnese en diagnose;
- met de patiënt een behandelplan opstellen en de daarbij behorende specifieke medisch verpleegkundige vaardigheden verrichten;
- werken vanuit de principes van Evidence Based Practice;
- praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek verrichten;
- zorgbeleid en zorgprogramma's ontwikkelen binnen een totale zorgketen;
- (multi)professionele kwaliteitszorg bevorderen, o.a. door coaching van andere hulpverleners.