Master Advanced Nursing Practice

Studieprogramma

Werksituatie

Het curriculum omvat 120 studiepunten, 60 punten voor het binnenschoolse leren en 60 punten voor het praktijkleren. Er wordt gewerkt met modulen van 20 weken. In elk blok wordt aandacht besteed aan de generieke- en beroepscompetenties die in afzonderlijke modulen worden aangeboden. Uitgangspunt is dat de student de generieke competenties integreert bij de binnen- en/of buitenschoolse leertaken zodat ‘advanced practice’ wordt bereikt.

Studiejaar 1
Er wordt gestart met het onderdeel ‘Evidence Based Practice’. In dit onderdeel maakt de student kennis met verschillende soorten onderzoek, epidemiologie en statistiek, methoden van data verzamelen, en de inhoud van een onderzoeksplan. In de werkgroepen wordt bevorderd dat de student in de praktijk in gesprek gaat met begeleiders om na te denken over onderwerpen m.b.t. toegepast onderzoek voor de afstudeerfase. In het tweede deel van het eerste jaar maakt de student kennis met het werken in organisaties. De student leert een implementatieplan maken voor een verandering in de eigen organisatie.

Klinisch handelen I en II 
In de module geneeskundige vaardigheden staan kennis, inzicht en vaardigheden m.b.t. het medisch handelen centraal. De student leert klinisch redeneren, lichamelijk onderzoek doen, een anamnese afnemen en daarnaast wordt farmacologie gegeven. In de module Educatie, Consultatie en Empowerment staan de vaardigheden van de verpleegkundige op expertniveau centraal; theorieën en modellen voor assessments, voorlichting, communicatie met andere disciplines en doorverwijsvaardigheden (consultvaardigheden).

Studiejaar 2
Klinische vaardigheden III
In het tweede jaar komt het geneeskundig handelen wederom aan de orde. De student leert de sixsteps methodiek die in de praktijk gebruikt kan worden voor het voorschrijven van medicijnen. Neurologisch onderzoek en interpreteren van laboratorium gegevens. De begeleider in de praktijk begeleidt en beoordeelt mede de eindopdrachten.

De module verdieping/differentiëren heeft een aanbodgericht deel en een individueel deel. Het aanbodgerichte deel bevat colleges longfysiologie en informatie over thoraxfoto’s. Voor het individuele deel formuleert de student doelen gericht op de eigen beroepspraktijk. De module wordt afgesloten met een integratieve toets die binnenschools wordt uitgevoerd met simulatiepatiënten. De leermeester schrijft een op de eigen beroepspraktijk gerichte patiëntensituatie.

Generieke vaardigheden III 
De student maakt een onderzoeksplan voor het uitvoeren van een praktijkgericht onderzoek. Dat onderzoek vindt plaats in het laatste deel van de studie, de meesterproef.