Civiele Techniek

Programma


Structuur van de opleiding

Eerste studiejaar: de fundering

In het eerste jaar (de propedeuse) leg je de fundering voor je verdere studie. Je oriënteert je grondig op het vakgebied. Je gaat direct in projectteams aan de slag. Iedere periode is er weer een nieuw project met een specifiek thema. In speciale colleges worden deze thema's uitgediept. Door deze projecten leer je al snel je medestudenten kennen.

Tweede studiejaar: opbouwen

In het eerste jaar leg je een stevige fundering, in het tweede jaar begin je met opbouwen. Je verdiept je in het vakgebied. Als je het jaar voldoende hebt afgerond, dan solliciteer je zelfstandig naar een stageplaats voor het derde jaar. Daarbij speelt je persoonlijke belangstelling een grote rol. De stagecoördinator begeleidt je bij de sollicitatie.

Derde studiejaar: op stage; bewijs jezelf in de praktijk
Tijdens de stage kijk je of de theoretische kennis die je in de afgelopen twee jaar hebt opgedaan, aansluit op de praktijk. Je maakt kennis met het bouwen en de bouwwereld, die je benadert vanuit verschillende disciplines. Nu komt het aan op je communicatieve en sociale vaardigheden. De stage bestaat uit twee periodes van elk honderd werkdagen. Als je wilt, kun je ook in het buitenland stage lopen.

Vierde studiejaar: de vlag in top, afwerken

Het hoogste punt is bereikt, de vlag kan in top. Nu volgt de laatste fase in de opbouw van je opleiding: de afwerking. Je diept een aantal belangrijke vakken verder uit. Zeker zestig procent van de tijd besteed je aan je afstudeerproject, dat je samen met medestudenten uitvoert. In het stagejaar heb je daarvoor al een voorstel ingediend. Het gaat bijvoorbeeld om een "definitief ontwerp" van een omvangrijk civieltechnisch kunstwerk dat nog niet is gerealiseerd.

 


Structuurplan

In de laatste periode volg je geen colleges meer. Je werkt dan alleen nog maar met je team of zelfstandig (intern of extern) aan het afstudeerproject. Tot slot verdedigen jullie het project in het openbaar.