Het doel van de cursus is het handelen bij patiënten met schouderklachten te verbeteren.
Het gaat expliciet om cognitieve en psychomotorische vaardigheden. In geringe mate komen aspecten betreffende attituditionele vaardigheden aan bod. Het ‘handelen’ heeft zowel te doen met aspecten van het onderzoeken als met aspecten van het behandelen van patiënten.
Blok 1: Nieuwe ontwikkelingen, classificaties en internet.
Blok 2: Statistiek en klinische testen.
Blok 3: Praktijk 1: Fysiotherapeutisch onderzoek
Blok 4: Het beleid van de orthopedisch chirurg.
Blok 5: Revalidatie na een operatie.
Blok 6: Praktijk 2: Fysiotherapeutisch behandelen
Blok 7: Schoudergordel, BPS model, vragenlijst.
Blok 8: Praktijk 3: Casuïstiek, diversen.
Blok 9: Overzicht, modellen, afsluiting.