Nieuwsberichten

"Mensen zijn in staat een relatie aan te gaan met robots"

31.10.2016

Lector Somaya Ben Allouch is een robotonderzoeker met een boodschap. Tegen mensen met angst voor de komst van robots zou de lector van het lectoraat Technology, Health & Care willen zeggen: "Mensen zijn in staat om een relatie aan te gaan met techniek. Oók met robots."

Technology health & care

Dit artikel verscheen eerder in het Sax.nu Magazine van oktober 2016.

Hoe ver zijn we in de ontwikkeling van robots die ons dagelijks leven gaan verrijken?

“We staan nog aan het prille begin. We weten nog niet tien procent van wat de robots uiteindelijk moeten kunnen. Technisch gezien weten we hoe we een aantal onderdelen kunnen bouwen, maar nog niet wat de precieze invloed is en waarvoor we ze het beste kunnen inzetten. De ‘killer’ application voor social robots is er nog niet. We hebben een aantal leuke social robots zien voorbijkomen, zoals Nao en Pepper. Maar die zijn allemaal nog niet doorgebroken en blijven vaak in de onderzoekslaboratoria hangen. Ze hebben leuke functies, maar het zijn nog geen complete social robots.”

Hoe komt dat?

“Onderzoek is duur. Ga maar eens een paar robots voor een half jaar inzetten in een zorgcentrum. Dat kost veel geld. Gelukkig zie je nu wel steeds meer start-ups die durven te innoveren en te investeren in social robots. Die worden op hun beurt weer in de gaten gehouden door de logge, kapitaalkrachtige bedrijven. Die zullen toeslaan op het juiste moment en de robots op de markt brengen. De zaadjes zijn geplant.”

Deze maand wordt Aido gepresenteerd, door technologiemagazine T3 de ‘gamechanger’ van 2016 genoemd.

“Aido is een leuke buddy. Hij zou als een soort butler in huis kunnen fungeren. Hij is interactief en kan bijvoorbeeld assisteren op het gebied van beveiliging, tijdens het koken of klussen. Aido komt in de buurt van de complete social robot. De verwachtingen zijn hoog, maar of hij het gaat waarmaken is nog de vraag. Hij maakt een goede kans. Aido is alleen nog
niet zo geavanceerd dat hij dialogen kan aangaan op moeilijke momenten. Hij is vooral behulpzaam. Dat is het grootste mankement van de social robots van nu. Ze kunnen nog niet goed reageren op emoties en stemmingen van mensen.”

Wat zijn daarnaast de grootste uitdagingen?

“Het vinden van de juiste balans tussen het overlaten aan de techniek en datgene wat je als mens zou moeten doen om de
basiskwaliteit van leven te handhaven. En hoe kunnen we interactie tussen mens en robot tot stand brengen zonder dat het
fake is. Daarnaast: we moeten de verwachtingen temperen. Robots zijn gewoon nog niet zo slim. Mensen daarentegen zijn verdomd slim. Die kunnen lachen, wuiven, roepen en de omgeving in de gaten houden en dat allemaal tegelijkertijd.”

Welke rol is daarbij weggelegd voor het lectoraat Technology, Health & Care?

“Onze rol is om bij nieuwe robotontwikkelingen zo vroeg mogelijk te onderzoeken hoe mensen ze accepteren en gebruiken in een specifieke context. Wordt een robot sneller geaccepteerd als die een informatie- of nanny-rol heeft? Waar willen mensen robots voor gebruiken? We bekijken ook hoe social robots het verschil kunnen maken, in welke context en voor welke doelgroep. Zo plaatsen we robots bij zorgcentra en kijken we hoe de zorgprofessionals en bewoners erop reageren. Dat zijn mensen met autonomie waartussen ineens een groot stuk techniek rondloopt. Hoe zit het dan met de rollen? En acceptatie? Heel interessant.”

Hoe staat het met die acceptatie van robots in Nederland?

“De tendens is nog te vaak: robots gaan alles overnemen. Dat vind ik geen constructieve bijdrage aan het debat. We houden het niet meer tegen door ontwikkelingen als vergrijzing en ontgroening. Ik ben daarom van mening dat we beter voorop kunnen lopen. De maatschappij moet bij de les blijven en actief meedenken over een vraag als hoe we robots kunnen inzetten zodat ze niet dehumaniseren, maar onze samenleving juist ondersteunen in het menselijk blijven. Het is te makkelijk om langs de zijlijn te roepen dat het niet goed is. Dat hebben we wel vaker gezien bij technologische ontwikkelingen.”

Zou u zelf een robot willen hebben?

“Ik zou er wel meerdere willen hebben, hartstikke leuk! Mijn ouders heb ik ook al zover gekregen. Natuurlijk is er in het begin een drempel. Maar stel dat ik later hulp nodig heb bij het aankleden. Dan zeg ik geen nee tegen iets wat me daarbij kan helpen. Het is net als mijn mobiele telefoon. Die maakt mijn leven ook gemakkelijker. Ik zie ze als ondersteuning in ons dagelijks leven. Onze intelligentie neemt steeds meer toe, de mens blijft voorlopig echt wel de baas. Net zoals we gek zijn op onze telefoons, is het straks waarschijnlijk ook leuk om met robots om te gaan. Ik sta er positief slash nuchter in. Mensen zijn in staat om een relatie aan te gaan met techniek en zullen de techniek hopelijk vooral in co-creatie gaan gebruiken.”

Wanneer denkt u dat robots een volwaardig onderdeel zijn van onze samenleving?

“Ik heb werkelijk geen idee. Er is geen peil op te trekken.” Lachend: “Ik hoop alleen wel dat ik het nog mag meemaken.”