Nieuwsberichten

ERVARINGEN VAN HET CONGRES OPENED18

14.11.2018

Afgelopen zomer heb ik een beurs ontvangen van de Amerikaanse organisatie Virtually Connecting om het congres OpenEd18 te bezoeken.

Afbeelding Marjon

Dit congres richt zich op thema’s als open pedagogy, open leermaterialen en open educational practices in het onderwijs. Oftewel, open delen en hergebruik van zowel onderwijspraktijk als leermaterialen. Houd deze website in de gaten voor meer informatie over deze onderwerpen, meer informatie volgt binnenkort. Deze onderwerpen sluiten goed aan vanuit mijn rol bij ICT&O en mijn promotieonderzoek. Het was dan ook waardevol om de 15de editie van dit van origine Noord-Amerikaans congres te mogen bezoeken! Als onderdeel van de beurs werd ik uitgenodigd voor het bijwonen van een online sessie om te connecten met mensen vanuit de gehele wereld.
 

De insteek van open in Noord-Amerika is vooral gericht op het vergroten van de toegang tot (hoger) onderwijs door kosten voor studiematerialen te verlagen. Dit gebeurt voornamelijk door het gebruik van Open Textbooks. Dit zijn studieboeken die open beschikbaar zijn en daardoor ook zonder kosten aan studenten kunnen worden aangeboden. Op het congres waren vooral presentaties over het produceren en inzetten van eigen ontwikkelde textbooks. Toch is juist de kracht van ‘open’ dat materialen van anderen (her)gebruikt kunnen worden. In Europa zie je dan ook vooral dat onderwijsinnovatie en kwaliteitsverhoging de drivers zijn van ‘open’. De focus lag minder op deze aspecten dan ik op voorhand had verwacht. In Noord-Amerika beginnen de meeste instellingen met ‘open’ vanuit de behoefte om studenten te kunnen voorzien in zogeheten Zero Cost Degrees. Dit zijn opleidingen waarbij de student geen enkele kosten hoeft te maken voor studiematerialen. Hierdoor worden de materialen vaak op maat ontwikkeld en vindt er dus beperkt hergebruik plaats. Iets waar in Nederland juist met de Stimuleringsregeling Open en Online Onderwijs veel aandacht voor is.Afbeeling twitterbericht Open ED

Wel kwam op het congres duidelijk de vraag naar voren: hoe maken we ‘open’ duurzaam? Iets wat relevant is voor zowel delen als hergebruik. Waar het nu vaak worden getrokken door individuele docenten en vanuit subsidies uit de eigen instelling, is er meer voor nodig om ‘open’ sustainable te maken. Uit de presentaties bleek dat instellingen die bezig zijn met dit vraagstuk de organisatie op de volgende aspecten inrichten:
Policies  beleid rondom adoptie versus creatie
Processes  processen rondom taken en verantwoordelijkheden van de instelling
Platforms  repository of referatory met open leermaterialen
People  OER stewards; verantwoordelijkheden docenten; support afdelingen

Het onderdeel People kreeg veel aandacht. Zo is het CARE framework ontwikkeld om OER stewards centraal te stellen bij duurzaam gebruik van open leermaterialen. Daarnaast is ook de organisatie belangrijk. Instellingen die gaan voor duurzaam realiseren teams tussen onderwijskundigen, instructional designers, bibliotheek, docenten en andere relevante betrokkenen. In mijn optiek is dit ook nog een stap die we kunnen (en misschien ook wel moeten) maken binnen Saxion.
Team members
Wat betreft duurzaamheid moet er ook nagedacht gaan worden over de rollen van third parties. Is ‘open’ iets wat alleen instellingen oppakken of kan er ook samengewerkt worden met uitgevers, bedrijven of vormgevers? En hoe ziet deze samenwerking er dan uit?

Dit zijn in het kort mijn highlights. Bekijk ook vooral deze vlog van Kirsten Veelo en Lieke Rensink van SURF. Hierin worden de ervaringen visueel gedeeld en komen onder andere ook Hilde van Wijngaarden (VU) en ikzelf nog even aan het woord.