Holland Hybrid Heart
Hartfalen (HF) is een grote wereldwijde gezondheidsuitdaging, met miljoenen patiënten wereldwijd en beperkte behandelingsmogelijkheden voor gevorderde stadia. Huidige oplossingen, zoals harttransplantatie en mechanische circulatie-ondersteunende apparaten, worden beperkt door donorenschaarste, risico’s en beperkte toepasbaarheid—vooral bij pediatrische patiënten. Hierdoor hebben veel patiënten een slechte prognose en een verminderde kwaliteit van leven terwijl zij wachten op behandeling.
Het Hybrid Heart-project introduceert een baanbrekend alternatief: een biocompatibel, zacht robotisch kunsthart dat is ontworpen om het falende orgaan volledig te vervangen. Dit “Hybrid Heart” combineert een zachte, op textiel gebaseerde robotische buitenlaag met kunstmatige spieren en sensoren, waardoor een natuurlijke hartbeweging mogelijk wordt, en een tissue-engineered binnenbekleding om compatibiliteit met het bloed van de patiënt te garanderen. Het systeem bevat ook scaffolds voor weefselgroei in het lichaam en een draadloos energieoverdrachtsysteem, waardoor patiënten meer bewegingsvrijheid hebben zonder externe apparatuur.
Een belangrijke innovatie ligt in de integratie van zachte robotica, weefselengineering en textielengineering. De onderzoeksgroep Sustainable & Functional Textiles van Saxion draagt bij door textielgebaseerde structuren te ontwikkelen met behulp van geavanceerde productietechnieken zoals borduren, ultrasoon lassen en 3D-breien. Deze methoden zijn gericht op het nabootsen van de mechanische eigenschappen van het menselijke hart, terwijl duurzaamheid en flexibiliteit worden gewaarborgd.
Het project is sterk interdisciplinair, waarbij ingenieurs, medische professionals en ontwerpdeskundigen nauw samenwerken om functionaliteit, veiligheid en gebruikersgericht ontwerp te garanderen. De technologie kan ook bredere toepassingen hebben in andere kunstmatige organen en zachte robotische systemen.
Het Hybrid Heart-project wordt geleid door Erasmus MC en omvat een breed consortium, waaronder de Technische Universiteit Eindhoven, AMOLF, de Universiteit Twente, Saxion Hogeschool, TU Delft, Maastricht University en verschillende industriële en zorgpartners. Het project wordt gefinancierd door het NWA-ORC-programma. Contactpersoon voor het project is Eliza Bottenberg.