Onderzoek

Duurzaam ondernemerschap voor studenten én docenten

Ondernemen is veel meer dan alleen het oprichten van een bedrijf. Dat stellen associate lector Lisanne Bouten en onderzoekers Ruud Koopman en Inge Elsman. Ondernemen is voor hen vooral dúúrzaam ondernemerschap, waarbij je niet alleen kijkt naar ‘geld verdienen’, maar vooral ook naar maatschappelijke waarde. We spreken Lisanne en Ruud over een heuse ondernemerschaps-toolkit voor studenten en docenten: “Brede vaardigheden voor ondernemerschap zijn daarbij essentieel, want daardoor sta je open voor de wereld en zie je wat er gaande is.”

Het is voorjaarsvakantie als we Lisanne Bouten en Ruud Koopman ontmoeten. Een wandeling langs verstilde collegezalen en over een lege loopbrug, leidt naar de School of Commerce & Entrepreneurship. Uiteraard zijn hier nog mensen te vinden; voor een ondernemende geest doen nieuwe plannen en inzichten niet onder voor vakantie. Over het belang van zo’n ondernemende geest gaan we vandaag met Lisanne en Ruud in gesprek.

“Binnen het Lectoraat Regio-ontwikkeling hebben we de onderzoekslijn Innovatief ondernemerschap,” vertelt associate lector Lisanne Bouten. “Daar kijken we onder andere naar latent ondernemerschap. Vanuit de vraag hoe je mensen die zouden willen ondernemen kunt ondersteunen, faciliteren, stimuleren, noem het maar op. Al sinds 2009 meten wij de intentie tot ondernemen onder onze studenten via Studielink. Elk studiejaar moeten studenten zich via dat systeem inschrijven, en dan stellen we hen heel concreet de vraag: ben je van plan om je eigen bedrijf te beginnen?"

Verdiepen

Het is een vraag die zorgt voor een dataset die al vijftien jaar groeit, waardoor er steeds meer informatie beschikbaar komt over de intentie onder studenten om te ondernemen, en hoe die intentie over tijd kan veranderen. “Die data hebben we dus al heel lang,” zegt Lisanne. “We kunnen daar veel meer mee, dachten we toen. Want wij meten die indicator en rapporteren daarover bij de directeuren en de opleidingen, maar daar bleef het een beetje bij.”

In gesprek met Lisanne Bouten, associate lector Innovatief Ondernemerschap. Foto: Thomas Busschers.

Een kleine twee jaar geleden vonden Lisanne en de directeuren van het economisch domein elkaar in een gemeenschappelijke ambitie: het beter willen begrijpen en ondersteunen van ondernemerschap bij studenten. Het leidde tot nieuwe vragen, zoals: wat betekent het nou als bij de ene opleiding veel meer studenten een eigen onderneming hebben dan bij de andere opleiding? “Toen hebben wij als lectoraat funding gekregen vanuit het economisch domein,” vervolgt Lisanne, “om binnen dat domein echt te gaan verdiepen, en te achterhalen hoe studenten naar ondernemerschap kijken. Hoe kijken ze naar hun eigen vaardigheden als het gaat over ondernemen? En hoe ervaren ze de ondersteuning van hun hogeschool en de opleidingen op dat punt?”

Brede kijk op ondernemerschap

Ondersteuning bij ondernemerschap: het klinkt als een heldere opgave, maar moeten we dan niet beginnen bij een goede definitie ván dat ondernemerschap? “Heb je het over het inschrijven bij de Kamer van Koophandel?” vraagt onderzoeker Ruud Koopman zich hardop af. “Of heb je het over een bredere definitie van ondernemend zijn? Als je bijvoorbeeld kijkt naar de gezondheidszorg, dan wordt daar veel ondernemend gedrag van mensen gevraagd. Ga je op een zelfstandige manier met patiënten om, en doe je daarbij meer dan enkel wat wordt voorgeschreven? Ook dát is ondernemend gedrag, maar het is wel iets anders dan zelfstandig ondernemer zijn.”

Wat je ziet is dat er een kanteling gaande is naar ‘meervoudige waardecreatie’. We kijken niet alleen meer vanuit een economisch perspectief naar de wereld, maar nemen ook steeds meer sociale, ecologische en maatschappelijke aspecten mee.

Lisanne Bouten, associate lector Innovatief Ondernemerschap

Toch is de ‘simpele’ vraag naar plannen voor een eigen bedrijf, het startpunt geweest voor het onderzoek* waar we het vandaag over hebben. Maar achter dat startpunt schuilt nog een andere, belangrijke aanleiding: de bredere kijk op het economisch domein die ze de laatste jaren bij het Lectoraat Regio-ontwikkeling zien ontstaan. Een ontwikkeling die onlosmakelijk is verbonden met duurzaam ondernemerschap. “Hoe kijken we naar de economie?” licht Lisanne toe. “Wat je ziet is dat er een kanteling gaande is naar ‘meervoudige waardecreatie’. We kijken niet alleen meer vanuit een economisch perspectief naar de wereld, maar nemen ook steeds meer sociale, ecologische en maatschappelijke aspecten mee. Brede vaardigheden voor ondernemerschap zijn daarbij essentieel, want daardoor sta je open voor de wereld en zie je wat er gaande is.”

Ondernemende studenten

“Het is ook iets wat past bij ons onderwijsmodel,” zegt Ruud, doelend op de coachende rol van docenten bij de vorming van breed ondernemerschap; iets wat er onder andere voor moet zorgen dat studenten weten waar duurzaam ondernemen over gaat. Lisanne haakt in: “Uiteindelijk is dat mijn persoonlijke missie; dat is echt hoe ik het voel. Naast de aandacht die er is voor de professionele ondernemer, kijken we ook steeds meer naar de ondernemende professional. Ik geloof er sterk in dat je elke student een stukje ondernemendheid kunt bijbrengen.”

Vanuit die visie is het niet per se het doel om iedere student een bedrijf te laten starten, maar meer om studenten met de ideeën en vaardigheden van een ondernemer de maatschappij in te sturen. “Stel,” zegt Lisanne, “een student gaat aan de slag bij een mkb’er die vastzit met zijn onderneming. Dan zou die student met zijn of haar achtergrond misschien wel nieuwe kansen kunnen zien. En zeggen: maar als we díe kant opgaan, dan kunnen we een deel van de maatschappij helpen dat we eigenlijk uit het oog zijn verloren. Hoe gaaf is dat?”

De juiste vaardigheden

Het aanleren van ondernemersvaardigheden: hoe doe je zoiets? Bij Saxion komt dan al snel het Centrum voor Ondernemerschap (SCvO) om de hoek kijken. “Zij zijn echt partners voor ons,” zegt Lisanne. “In de praktijk gaan we dan bijvoorbeeld samen met hen en een opleiding in gesprek. Zo was er een opleiding met een vraagstuk over studenten en onzekerheid. ‘We hebben het idee dat onze studenten het vaak niet aandurven om een bedrijf te starten,’ is wat ze daar aangaven. Een vragenlijst die wij hebben ingezet bevestigde dat. Toen hebben we samen gekeken welke stappen we konden zetten.” Het leidde uiteindelijk tot een concrete tool: een workshop over persoonlijk leiderschap, bedoeld om studenten meer zelfvertrouwen te geven.

Naast workshops biedt het SCvO diverse andere activiteiten aan, zoals gastlezingen en minoren. Dat soort tools, die op dit moment dus al beschikbaar zijn, worden nog niet altijd door studenten ‘gevonden’. “We hebben hen gevraagd of ze daar bekend mee zijn,” zegt Lisanne, “maar dat viel helaas tegen. En dat is natuurlijk echt zonde; het was daarom ook een belangrijke bevinding voor ons.” Minstens zo belangrijk als het meten van de bekendheid met het SCvO-aanbod, was het achterhalen van de manier waarop studenten aankijken tegen hun eigen ondernemersvaardigheden. “Zo kregen we een beeld van waar de ‘gaten’ zitten,” vervolgt Lisanne, “het verschil tussen wat we willen en wat daadwerkelijk de studenten bereikt. Op basis daarvan zijn we nu bezig met het maken van een toolkit, gericht op twee dimensies. De ene dimensie is smal of breed ondernemerschap. Bij de andere dimensie kijken we of de tools die je in kunt zetten op de student zijn gericht, of dat het meer gaat om iets wat docenten helpt om studenten te begeleiden.”

...er is ook een groep die heel graag wil en enthousiast is, maar die eigenlijk niet wéét hoe je op dat vlak moet ondersteunen. Die laatste groep zou je natuurlijk goed kunnen helpen. Een docenttraining zou daarbij een rol kunnen spelen.

Onderzoeker Ruud Koopman over ondernemerschap bij docenten

Ondernemende docenten

Over helpen gesproken: een van de tools die Ruud heeft ontwikkeld voor de Saxion Parttime School, is een module die gaat over het aanleren van een ondernemende houding. In die module worden werkvormen aangeboden die studenten laten nadenken over de aspecten van ondernemerschap die ze zélf belangrijk vinden. Bij alle tools die binnen de hogeschool worden aangeboden, spelen docenten een belangrijke rol. Zij kunnen het aanbod vanuit het SCvO en de opleidingen immers introduceren, en studenten laten zien hoe ze al die verschillende tools moeten hanteren.

Hoe zit het eigenlijk met de docenten zelf als het gaat over ondernemersvaardigheden? “Eigenlijk heb je grofweg drie typen,” zegt Ruud. “Je hebt een groep die het heel goed weet; die zie je ook op allerlei plekken terugkomen als het gaat over ondernemerschap. Daarnaast heb je een groep die er minder affiniteit mee heeft. Maar er is ook een groep die heel graag wil en enthousiast is, maar die eigenlijk niet wéét hoe je op dat vlak moet ondersteunen. Die laatste groep zou je natuurlijk goed kunnen helpen. Een docenttraining zou daarbij een rol kunnen spelen.”

Rolmodellen

‘The usual suspects’, zo noemt Lisanne de docenten die sowieso al affiniteit met ondernemerschap hebben. Vaak zijn het docenten die zelf ondernemer waren of in het bedrijfsleven hebben gewerkt. “In de literatuur zie je ook sterk terugkomen dat zo’n rolmodel superbelangrijk is,” benadrukt Lisanne. Het gaat misschien wat ver om een rolmodel ook een ‘ondersteunende tool’ te noemen, maar bij sommige studenten zorgt de juiste docent daadwerkelijk voor het verder aanwakkeren van ondernemersvaardigheden. Zo hebben we het over oud-student Loraine Bruinink, die bij haar opleiding in contact kwam met hoofdocent en onderzoeker Auke Wolfs; het leidde tot een mooie samenwerking, waarbij Loraine mocht bijdragen aan een onderzoek naar de aantrekkelijkheid van regionale binnensteden. “Dat is ook een vorm van meervoudige waardecreatie,” vult Lisanne aan. “Waarbij het dus niet alleen gaat om ‘dozen schuiven’ en geld verdienen, maar ook over je betekenis als ondernemer voor een binnenstad.”

Waardecreatie: het zou een doel moeten zijn voor iedereen met een ondernemende geest. Lisanne en Ruud zijn bijna zover dat ze hun onderzoek kunnen opleveren, maar daarmee hebben ze nog lang niet al hun eigen doelen behaald. “Binnen onze onderzoeksgroep zijn we nu bezig met het opstellen van een Sprong-aanvraag,” vertelt Lisanne. “Het is een groot subsidietraject waarin we met vier andere hogescholen gaan kijken hoe we op dit thema een expertisegroep kunnen vormen. Op basis daarvan willen we ons richten op de effectiviteit van programma's die je inzet om ondernemerschap te versterken. Wat ik het allermooist zou vinden, is als we daarbij niet alleen hogescholen meenemen, maar ook universiteiten en ROC’s. Ruud en ik filosoferen zelfs over middelbare scholen en lagere scholen… maar dan heb je het echt wel over een levenswerk.”

Fotografie: Thomas Busschers

* Ondernemerschap vanuit het Economisch Domein van Saxion: Wat is de effectiviteit van ons ondernemerschapsonderwijs en hoe stimuleren we duurzaam studentondernemerschap? Dat is de volledige titel van het onderzoek van associate lector Lisanne Bouten en onderzoekers Ruud Koopman en Inge Elsman. Het onderzoek wordt uitgevoerd vanuit het Lectoraat Regio-ontwikkeling.

Jos.jpg

Jos Eertink

Als redacteur probeert Jos alles wat complex is toegankelijk te maken. Buiten werktijd houdt hij zich het liefst bezig met poëzie en schilderkunst. Hij was de achtste stadsdichter van Enschede, maar rijmt alleen als het moet.

Gerelateerde artikelen

Onderzoek

Nicole Ketelaar over burgerparticipatie: meer dan een mening ophalen

14 mei 2024
Organisatie

De drie genomineerden voor de ‘Saxion Onderzoeksprijs 2024’ zijn bekend

13 mei 2024
Noa Lohuis en Babet Jansen Ondernemerschap

Hoe Noa en Babet hun passie voor hospitality bundelden: ‘We dachten: dit kunnen wij ook!’