Andy Kadera
Studentenleven

Alumnus Andy: ‘Het is ontzettend dankbaar om er voor een kind te zijn op een cruciaal moment’

Blog: Politiek en cultuur in Washington DC
Daphne Striekwold Leestijd Minuten

Andy Bos zet zich als casemanager en kinderhulpverlener bij Kadera in voor mensen en kinderen die huiselijk geweld zijn ontvlucht – een onderwerp dat zeker in deze heftige tijden erg actueel is. Zelf heeft de Social Work-alumnus vanuit zijn jarenlange ervaring als mantelzorger en mentor veel geleerd over zichzelf en zijn verhouding tot anderen. Zijn familieleden zorgen ervoor dat hij met beiden voeten op de grond blijf bij deze pittige, maar dankbare baan. Voor zijn harde werk heeft hij onlangs de Hartenhuis Award (vanuit Stichting het Vergeten Kind) voor meest inspirerende jeugdhulpverlener in een vervangende woonsituatie ontvangen.

Hoi Andy, welke taken horen zoal bij je functie?

“Als casemanager (CM) ondersteun ik zowel de vrouw als de man in de opvang. Ik ben degene die de samenwerking en verbinding zoekt met ketenpartners en collega’s die betrokken zijn in het cliëntsysteem. Als er kinderen bij betrokken zijn, kun je denken aan de kinderhulpverlener en materiële dienstverlener. De materiële dienstverlener speelt altijd een rol. Als CM werk je volgens de methodiek Krachtwerk. Mijn andere taken omvatten het bijhouden van het dossier, het organiseren van activiteiten, het onderhouden van contacten met derden en het blijven zoeken naar mogelijkheden.

Als kinderhulpverlener (KHV) ondersteun ik de kinderen. Ik onderhoud het contact met de vader of moeder die niet in de opvang verblijft (indien de ouder betrokken is). Elke week spreek je af met het kind of de kinderen, waarbij je werkt volgens de methodiek Veerkracht. Ook houd ik me bezig met het organiseren van kinderactiviteiten, het praten over de opvoeding en ontwikkeling van het kind, het onderhouden van contacten met derden, bijvoorbeeld school, en vooral oog houden voor het kind en voor wat hij of zij nodig heeft. Onze core business is het constant waarborgen van de veiligheid. Dit betekent bij beide functies dat je om de paar weken, als er geen acute crisis ontstaat, met de cliënten in gesprek gaat over de veiligheid. Hier maak je een plan voor.”

Op welke manier heeft de coronacrisis invloed op je werkzaamheden?

“We hebben het drukker in de zin dat we creatiever moeten omgaan met contact. Zo beeldbellen we meer met onze cliënten en hebben we op afstand via beeldbellen contact met onze ketenpartners. Je merkt dat de cliënten het niet makkelijk vinden, vooral het stukje waarbij het face-to-face contact minder is. Bij de kinderen merk ik dat ze de knuffel en de activiteiten missen. Samen kijken we naar mogelijkheden, zoals het spelen van een spelletje op afstand of het aanbieden van leuke opdrachten. Zo zijn twee collega’s van mij creatief geweest met het organiseren van en bingo via de balkondeuren. Ik merk dat we ook weer creatiever worden!”

Waar loop je tegenaan in deze tijden?

“Waar ik zelf tegen aanloop is dat ik niet de activiteiten kan bieden waar kinderen normaliter afleiding uit halen. Daarnaast merk je ook dat het pittig is voor de moeders: de kinderen kunnen niet naar school en krijgen ongeveer anderhalf uur per dag les (via beeldbellen). Voor hen is het zwaar om 24/7 een heel huishouden te runnen. Wat ik als laatste wil benoemen is hoe zichtbaar het voor mij wordt dat we als samenleving nu de kans krijgen om zaken anders te vormen. Zo wil de overheid dat het liefst beide ouders gaan werken, maar nu wordt het in mijn ogen zichtbaar dat dit niet haalbaar is als je kinderen hebt. Deze crisis maakt zichtbaar dat ouders het in deze tijd niet het kunnen veroorloven om fulltime vanuit huis te werken en dit te combineren met de opvoeding. Hier mag de overheid, in mijn ogen, ook meer aandacht aan geven: Op welke manier is het haalbaar? Willen we teveel? Hoe gaan we op met veranderingen in de maatschappij? Hoe kunnen we de volgende generatie weerbaarder maken?”

Wat vind je het leukste aan je baan?

“Het samenwerken en de uitdaging van het werken met deze doelgroep, vind ik heel leuk. Ik zelf haal veel voldoening in het blijven zoeken en vinden van mogelijkheden. In het begin werkte ik vooral als CM, maar sinds anderhalf jaar ben ik ook werkzaam als KHV. Dit vind ik het allerleukste: dat je ook maar iets van betekenis bent in het leven van een kind! Ik heb niet de illusie dat ik veel ‘impact’ ga maken, maar ik hoop wel dat ik een zaadje heb geplant waar het kind weer een moment heeft ervaren van onvoorwaardelijke acceptatie en steun. Als laatste vind ik het altijd erg leuk wanneer ik weer activiteiten met de kinderen kan draaien. Dit doe ik elke woensdagavond. Elk keer is er een leeftijdsverschil tussen de kinderen, wat mij weer bewust maakt van wat we nog kunnen ondernemen om ze een leerzame maar vooral leuke avond te bezorgen.”

Één van de mooiste aspecten van mijn werk, vind ik het proces van de cliënt. Ik heb cliënten ondersteund die binnenkwamen en weinig grip voelde in hun leven. Dan is het heel fijn dat ze in deze tijd bij ons kunnen deelnemen aan trainingen, cursussen, psychologische hulpverlening en natuurlijk de hulpverleningsgesprekken.

Social Work-alumnus Andy, nu werkzaam als jeugdhulpverlener

Wat is voor jou de grootste uitdaging?

“Goeie vraag! De grootste uitdaging vind ik de samenwerking met ketenpartners. Ik geloof dat iedereen hetzelfde wil, namelijk dat het huiselijk geweld stopt en de cliënt weer zelfredzaam wordt. Waar ik het meest tegen aanloop, zijn vaak de protocollen die elke instantie hanteert. Zelf zoek ik zoveel mogelijk naar de uitzonderingen, omdat elke cliënt anders in het leven staat. Het pittigste vind ik dan om samen met de ketenpartners tot een gezamenlijk plan te komen. Waar de één een risico wil nemen, wil de ander zich blijven verbinden aan de regels. Van mij mogen we met zijn allen meer gaan staan voor de cliënt in plaats van het systeem.”

Welke bijzondere dingen heb je al meegemaakt?

“Een heel bijzondere ervaring was het moment dat ik een gedicht kreeg van één van de kinderen, waarbij hij aangaf ontzettend blij te zijn dat we samen zijn nieuwe fiets hebben opgehaald en dat hij mij heel lief vond. Dit kreeg ik op een blaadje tijdens ons jaarlijks sinterklaas suprise party. Super lief! Één van de mooiste aspecten van mijn werk, vind ik het proces van de cliënt. Ik heb cliënten ondersteund die binnenkwamen en weinig grip voelde in hun leven. Hierbij kun je denken aan niet weten hoe zaken werken financieel, moeite hebben met het maken van keuzes, het gevoel dat ze geen invloed hebben of een gevoel van verlorenheid, omdat ze jarenlang afhankelijk zijn geweest van anderen. Dan is het heel fijn dat ze in deze tijd bij ons kunnen deelnemen aan trainingen, cursussen, psychologische hulpverlening en natuurlijk de hulpverleningsgesprekken. Maar wat mij vooral vaak opvalt zijn de alledaagse momenten. Tijd nemen voor een bakje koffie, samen naar buiten wandelen, een spel spelen of er gewoon voor ze zijn. Hierdoor heb ik vele cliënten zien groeien en bloeien, waardoor ze weer de zelfregie nemen. Dit is ook voor een deel te danken aan het feit dat we zelf onze tijd kunnen indelen. Er is niet altijd ruimte, maar zodra het kan nemen we ook de tijd om er te zijn. Dit heb ik vaker teruggekregen van cliënten: dat ik er net ben geweest op een cruciaal moment, zonder dat ik dit zelf in de gaten had. Ontzettend dankbaar!”

Op welke manier komt de opgedane kennis vanuit je opleiding van pas?

“Ik gebruik diverse methodieken nog zeker, te denken aan oplossingsgericht werken en systeemgerichte therapie. Ik weet vast en zeker dat er onbewust veel is blijven hangen, maar eerlijk gezegd pas ik veel toe ook vanuit eigen ervaringen: ervaringen met huiselijk geweld of vanuit de levenslessen die anderen met mij hebben gedeeld. In de tijd van mijn studie was er zeker een module over hoe om te gaan met huiselijk geweld, maar dit was vrij summier. Ik ben zeer blij om te horen dat er nu minimaal twee kwartielen aan worden besteed. In mijn optiek kan dit nog meer, want de cijfers liegen er niet om. Kindermishandeling en in dit geval huiselijk geweld is nog steeds een groot probleem in de maatschappij.”

Had je tijdens je studie al het doel om deze richting op te gaan?

“Nee. Een vriendin en medestudente liep hier stage en toen zij verhalen vertelde dacht ik: ‘dit is niks voor mij, het constant alert zijn en de problematiek.’ Toen ik eenmaal verder was in de opleiding en ik mijzelf beter leerde kennen wilde ik wel de uitdaging aangaan. Ik begon als invaller en ik werk inmiddels alweer bijna drie jaar bij Kadera. Op dit moment heb ik een vast contract.”

Welke tips heb je voor studenten die ook dit beroep zouden willen uitoefenen?

“Durf op je bek te gaan! Heb lef om jezelf te zijn en te laten zien. Zoek verbinding met anderen, want samen sta je sterker, en vooral: wees altijd eerlijk naar je cliënt, hoe ongemakkelijk of eng het ook kan zijn. Transparantie zorgt ervoor dat je altijd de verbinding houdt met de ander. De kern is dat iedereen moet gaan uitvinden wat zijn of haar rol is als hulpverlener. Zolang je de passie hebt om mensen (tijdelijk) te ondersteunen, heb je al de grootste drijfveer te pakken! En vooral: maak van je werk geen leven. De mensen die je ondersteunt, leven als jij weg bent ook hun eigen leven. Houd je geen illusie voor dat jij het grote verschil gaat maken. Stay humble!”

Blog: Politiek en cultuur in Washington DC

Daphne Striekwold

Gerelateerde artikelen

Wilma de Groot Onderwijs

Wilma deed voor haar master onderzoek naar compassievermoeidheid in de zorg

10 september 2020
Collin Helle Business

Alumnus Colin leert bedrijven duurzaam ondernemen

16 juli 2020
IMG_3656.JPG Studentenleven

Blije afgestudeerden ontvangen diploma tijdens walkthrough