Onderwijs

Bewegend leren voor meer studentenwelzijn

Jos.jpg
Jos Eertink Leestijd Minuten

Zitten en luisteren. Zo kon een schooldag vroeger soms nog worden samengevat, maar tegenwoordig worden de positieve effecten van een actieve leerhouding steeds duidelijker. In het basisonderwijs is ‘bewegend leren’ al langer een beproefde methode. Jolise ’t Mannetje, onderzoeker Innovatief en Effectief Onderwijs, wil nagaan hoe de inzichten die voortkomen uit deze methode ook in het hoger onderwijs kunnen worden toegepast. Met een algehele verbetering van studentenwelzijn als het hoogste doel: “Ik hoop echt dat er dingen ontwikkeld gaan worden die studenten blijer maken met hoe hun schooldag eruitziet.”

Sta op en loop. Eigenlijk zouden docenten dat vaker tegen hun leerlingen moeten zeggen. Op de Nederlandse basisscholen zie je steeds meer lessen die op een actieve manier worden ingevuld. Rekenen? Ga maar met z’n tweetjes op het schoolplein springen, en tel de sprongen bij elkaar op. Natuurlijk gaat bewegend leren verder dan zo’n simpel voorbeeld. “Het helpt om de hersens van kinderen actief te houden,” zegt onderzoeker Jolise ’t Mannetje. “Het voorkomt sowieso fysieke passiviteit, maar ook mentale passiviteit. Bewegingsarmoede is echt een thema in Nederland. Bij kinderen, maar zeker ook bij volwassenen.”

Als het gaat over jóngvolwassenen, dan is er nog weinig bekend over de juiste toepassing en de effecten van bewegend leren. Daar wil Jolise verandering in brengen. De toekenning van een senior Comeniusbeurs, stelt haar in staat om twee jaar lang onderzoek te doen; op zoek naar manieren om met behulp van beweging bij te dragen aan het leren en de gezondheid van studenten.

In de loop van de jaren kwam er al meer aandacht, mensen gingen het belang ervan inzien. Vervolgens kwam de pandemie en werd het voor een heel breed publiek ineens een groot thema.

Onderzoeker Jolise 't Mannetje over studentenwelzijn

Pandemische stroomversnelling

Hoe kom je bij een thema als bewegend leren? “Ik ben in 2016 gestart met een promotieonderzoek naar studentenwelzijn,” vertelt Jolise. “Toen was het nog niet zo’n groot thema als nu. Het promotieonderzoek kwam specifiek uit de hoek van honoursprogramma’s. Daar merkten ze dat het volgen van zulke programma’s voor extra druk zorgt; een deel van de studenten bloeit daar juist van op, maar voor anderen wordt zoiets al snel teveel. Waardoor ze weer met zo’n programma stoppen. Dat was toen de aanleiding om überhaupt iets met studentenwelzijn te gaan doen. In de loop van de jaren kwam er al meer aandacht, mensen gingen het belang ervan inzien. Vervolgens kwam de pandemie en werd het voor een heel breed publiek ineens een groot thema.”

Toen het spook van corona een tijdje over de wereld had gedwaald, werd het steeds duidelijker voor welke negatieve bijeffecten het virus zorgde. Studenten kwamen bijna niet meer naar school en liepen een belangrijk deel van hun sociale ontwikkeling mis. Niet vreemd dus dat de vraag naar onderzoek over studentenwelzijn vanaf die periode sterk toenam. “Het ene voorstel is nog niet ingediend,” illustreert Jolise, “of de volgende call gaat alweer open. De toegenomen aandacht heeft ook geleid tot de aanvraag voor dit project; anders was de mogelijkheid er niet eens geweest. Maar het was ook een heel natuurlijk moment, omdat ik in maart mijn proefschrift over studentenwelzijn heb afgerond. Het waren meerdere lijntjes die bij elkaar kwamen.”

Aandacht hebben voor studentenwelzijn kan ook schaden als het niet op de goede manier gebeurt. Ik ben dan wel voor een evidence informed aanpak.

Jolise 't Mannetje, onderzoeker Innovatief en Effectief Onderwijs

Losse initiatieven

Dat er voor de coronapandemie géén aandacht was voor studentenwelzijn, bleek gelukkig een verkeerde aanname. “Er gebeurde wél veel,” zegt Jolise, “maar weinig gestructureerd. Waarbij ook weinig onderzocht werd of het effectief was wat er gebeurde.” Zorgde corona dan ook weer niet voor een situatie waarin initiatieven voor studentenwelzijn op een ondoordachte manier werden gelanceerd? Jolise: “Maar wat is dan de koninklijke weg? De koninklijke weg is dat je een thema ziet, beleid ontwikkelt en dan pas iets gaat doen. Maar dat is ook een weg die vrij lang duurt, en juist bij iets als een pandemie heb je gewoon directe actie nodig. Alleen is het risico bij het thema studentenwelzijn een ‘baat-het-niet-dan-schaadt-het-niet-houding’. Daar geloof ik niet echt in. Want aandacht hebben voor studentenwelzijn kan ook schaden als het niet op de goede manier gebeurt. Ik ben dan wel voor een evidence informed aanpak.”

De aanpak waarnaar Jolise meer onderzoek wil doen, past ook op persoonlijk vlak goed bij haar. “Ik geef danslessen als hobby,” zegt ze. “Dat doe ik al jaren. Hoe leuk zou het dan zijn als ik onderwijsonderzoek kan combineren met beweging?” Dat bewegen iets leuks kan zijn, is voor de meeste basisschoolkinderen nog vanzelfsprekend. In het primair onderwijs is het concept van bewegend leren dan ook ‘hot’, geeft Jolise aan: “Er zijn een aantal mensen bij dit project betrokken vanuit de Academie Pedagogiek en Onderwijs. Zij zijn daar docent bewegingsonderwijs en houden zich bezig met een professionaliseringstraject op basisscholen, om bewegend leren verder te implementeren. Hun agenda’s staan overvol met aanvragen voor trainingen.”

Actievere leeromgeving

Zo vanzelfsprekend is bewegend leren nog niet in het hoger onderwijs. “Als je het vertaalt naar de hbo-context,” zegt Jolise, “dan kun je hier op Saxion bijvoorbeeld kijken naar de Academie Gezondheidszorg. Daar hebben ze meerdere opleidingen waar studenten fysieke werkvormen eerst zelf ervaren, voordat ze die werkvormen toepassen bij cliënten. Of kijk naar de opleiding Sportmarketing: daar laten ze studenten eerst sporten, zodat ze daarna effectiever kunnen studeren. Maar we hebben ook veel opleidingen waar studenten een groot deel van de dag stilzitten in een lokaal. Stel dat je bij zo’n opleiding een complex model duidelijk moet maken; waarom zou je zoiets uitleggen met een whiteboard of op papier? Je kan zoiets ook inzichtelijk maken door mensen bijvoorbeeld allemaal een component te laten zijn van dat model. Daardoor komen studenten in de benen en werkt het leren beter. De hersenen worden weer geactiveerd.”

Wat houdt ons in het hoger onderwijs dan tegen om meer te gaan bewegen? “De omgeving is ook heel belangrijk,” zegt Jolise. “Je kan je voorstellen dat als je in een klaslokaal zit met al die tafels… zie daar maar eens beweging in te krijgen! Het zou goed zijn als onderwijsruimtes anders worden ingericht, bijvoorbeeld met praattafels. Om een actieve houding te stimuleren.”

We moeten bij studenten niet alleen letten op de curatieve kant, maar juist ook op die preventieve kant.

Jolise 't Mannetje, onderzoeker Innovatief en Effectief Onderwijs

Positieve psychologie

Naast de inrichting van onderwijsruimtes, zijn er natuurlijk ook andere factoren die van invloed zijn op een succesvolle toepassing van bewegend leren. Zo heb je – ook in de studentenwereld – te maken met verschillende persoonstypen. “Bij sommige opleidingen ligt het iets meer voor de hand,” zegt Jolise. “Daar zit beweging al in het dna van de studenten en docenten. Maar we willen ons juist ook richten op studenten die het gewend zijn om de hele dag achter een computer te zitten. Hoe ga je die in beweging krijgen?”

Belangrijk bij het doel van Jolises onderzoek – meer studentenwelzijn – is de kennis vanuit de positieve psychologie. “De psychologie is van oudsher gericht op het fixen van dingen die misgaan,” licht Jolise toe. “Meer de curatieve kant dus. Neem als voorbeeld een student die depressief is en bij de studentenpsycholoog terechtkomt. Die hulpvorm is natuurlijk heel belangrijk. Maar daarnaast heb je de positieve psychologie, die meer als doel heeft dat mensen beter gaan functioneren en zich fijner gaan voelen. We moeten bij studenten niet alleen letten op de curatieve kant, maar juist ook op die preventieve kant.”

Meer focus op preventie dus. Met actievere onderwijsvormen. Als het aan Jolise ligt dan moeten we die dans niet eens wíllen ontspringen. Gevraagd naar de status van haar onderzoek, vertelt ze: “We hebben nu twee bijeenkomsten gehad. We zijn echt nog aan het verkennen wat er mogelijk is, en bij welke opleidingen we logischerwijs kunnen beginnen. Vanaf kwartiel drie gaan we nieuwe dingen ontwikkelen en uitproberen in het onderwijs. Het is de bedoeling dat we voor de zomervakantie al een aantal nieuwe dingen hebben uitgeprobeerd en naar de effecten hebben gekeken.” En wanneer is Jolise aan het eind van de rit tevreden? “Als wij met dit project bereiken dat er bij een aantal opleidingen meer fysiek actieve werkvormen komen,” zegt ze, “dan zijn we al heel tevreden. En als we daarnaast meer organisatie-breed besef krijgen van het belang van bewegen voor studenten, dan mogen we heel, heel blij zijn.”

Fotografie: Thomas Busschers

Meer info: bewegend leren voor studentenwelzijn

‘Kom in beweging voor studentenwelzijn’ is een tweejarig onderwijsinnovatieproject, waaraan een senior Comeniusbeurs is toegekend. Binnen het project wordt gekeken hoe methoden van ‘bewegend leren’ in het hoger onderwijs kunnen worden toegepast. Alles met het oog op meer studentenwelzijn. Jolise ’t Mannetje, docent-onderzoeker bij het lectoraat Innovatief en Effectief Onderwijs, leidt het project binnen Saxion.

Jos.jpg

Jos Eertink

Als redacteur probeert Jos alles wat complex is toegankelijk te maken. Buiten werktijd houdt hij zich het liefst bezig met poëzie en schilderkunst. Hij was de achtste stadsdichter van Enschede, maar rijmt alleen als het moet.

Gerelateerde artikelen

Onderzoek

George Garritsen promoveert: zijn organisaties gereed voor e-health?

13 februari 2024
nano-forensisch-lab-saxion-deventer.jpg SaxionTV

Nano-Forensisch Lab feestelijk geopend bij Saxion Deventer

06 februari 2024
Onderzoek

Rio Saijo: 'mijn omgeving veranderen om mezelf te veranderen'