HBS-directeur Irene Rispens zwaait af: ‘het bruist hier’
Goedlachs en beschouwend: twee eigenschappen die samenkomen in de persoon Irene Rispens, directeur van de Hospitality Business School (HBS). Na 25 jaar in verschillende rollen bij Saxion te hebben gewerkt, is het tijd voor een nieuwe uitdaging als directeur van het college Sport, Opvoeding & Maatschappij bij Deltion. “Ik ga ‘aan’ op iets wat zinvol kan zijn voor anderen.”
De kleine Irene Rispens woonde tot haar zesde in Nigeria. Als jongvolwassene overwoog ze serieus om Afrikanistiek te gaan studeren, maar uiteindelijk viel de keuze – vooral vanuit praktische overwegingen – op Business Communication. Voor die studie moest ze in het propedeusejaar eerst een vreemde taal leren. Ze koos voor Engels, maar besloot niet eens zoveel later om helemáál voor de Engelse taal te gaan; aan de Radboud Universiteit schreef ze zich in voor een master Engelse literatuur. In Nijmegen combineerde ze haar master ook nog eens met een minor Onderwijskunde.
Het kenmerkt Irene, die al haar hele leven breed geïnteresseerd is. De ene keer is het de passie voor literatuur die leidend is bij het maken van een keuze; de andere keer geeft iets als ‘baangarantie’ de doorslag. “Ik had nooit zo’n beeld bij wat ik wilde worden. Het is geen grap als ik zeg: dat heb ik nog steeds niet.”
Irene Rispens bij Saxion Apeldoorn.
Beschouwende rol
Voordat we in het alledaagse leven van een academiedirecteur duiken: waar komt die liefde voor boeken en verhalen precies vandaan? “Ik ben heel talig,” vertelt Irene. “Toen ik in Nigeria woonde met mijn Nederlandse ouders, spraken we veel Engels. Dus in die zin was Engels voor mij wel vertrouwd. Ik hield verschrikkelijk veel van lezen. Tijdens mijn studie heb ik me gespecialiseerd in hedendaagse Amerikaanse literatuur. Dat ging ook over de etnische canons; over de Native Americans, de African Americans, de Hispanics, en hoe hun emancipatie via literatuur steeds helderder werd. Ik vind de ontwikkeling van mensen en de maatschappij erg interessant, en ik vind het leuk om daarbij een beschouwende rol in te nemen.”
Doen wat je leuk vindt, en kansen pakken wanneer die zich aandienen. Zo kijkt Irene naar haar levenspad. Maar toch: is er een verband tussen haar liefde voor taal en haar huidige bezigheden? “Ik had het daar ooit over met een collega die neerlandica is. Een taal gaat over patronen. Als je echt de taalkundige kant op gaat, dan wordt het bijna wiskundig. In de literatuur gaat het over beschouwen, karakters doorgronden, en de verschillende lagen in een verhaal op waarde schatten. Ik realiseerde me ineens dat dat is wat ik zo leuk vond aan die literatuurstudie: het gaat niet alleen over mensen, het speelt zich ook af binnen een tijdgeest; dat heeft allemaal invloed op elkaar. Soms heeft het waarde om iets van buitenaf te bekijken.”
Het hoort bij het docentschap dat je goed voorbereid bent, maar ook dat je interesse toont in je studenten.
Voor altijd docent
Of je nou docent bent of bijvoorbeeld een directeur: het is volgens Irene altijd belangrijk dat je je kunt inleven in de ander, en situaties vanuit verschillende perspectieven kunt bekijken. Zelf begon ze haar Saxion-loopbaan bijna 25 jaar geleden als docent Engels bij de HBS-opleiding Hotelmanagement. Ze herinnert zich hoe ze destijds, toen ze nog niet zo lang in Deventer woonde, een open sollicitatie stuurde. Ze ontving een uitnodiging, maar op de dag van haar kennismakingsgesprek moest ze zo lang naar de ingang van Saxion Deventer zoeken dat ze een paar minuten te laat kwam. Blijkbaar verliep het gesprek dat volgde goed, want ze kreeg de baan.
Hoewel het al jaren geleden is dat ze afscheid nam van die eerste baan, voelt Irene zich ergens nog steeds docent. “Wat ik vooral leuk vind aan het docentschap, is het contact met studenten. Ik gaf Engels, en dat had leuke en minder leuke kanten. Zo probeerde ik om de grammatica – iets wat niet bepaald vanzelf gaat – toch een beetje leuk te maken. En om een veilige omgeving te creëren, waarin je fouten mag maken. Het gaat niet om perfectie. Je moet bij het aanleren of verbeteren van iets vooral gewoon doen, en proberen er een beetje plezier in te hebben. Dan wordt het vanzelf beter.”
Gedeelde verantwoordelijkheid
Ooit vroeg haar toenmalige directeur aan de docent Irene wat ze hoopte dat studenten over haar zouden zeggen. Dat ze me redelijk vinden, was het antwoord. Irene hoopte dat haar studenten begrepen waarom een docent met een bepaald oordeel of advies komt. “Maar ik geloof niet dat er één type ‘goede docent’ is. Het is mooi dat je verschíllende types hebt; dat maakt het juist compleet voor een student. Het hoort bij het docentschap dat je goed voorbereid bent, maar ook dat je interesse toont in je studenten. Soms vertelde ik over iets wat niet meteen met de Engelse taal had te maken, want je wordt ook gevormd door andere dingen. Daar moet af en toe ruimte voor zijn.”
Irene voelt zich nog steeds verantwoordelijk voor de studenten van Saxion. Ze vindt dat álle Saxion-medewerkers, niet alleen docenten, die verantwoordelijkheid gezamenlijk dragen. Het is een visie waar ze ook als leidinggevende voor staat. Zoals dat bij haar gaat, kwam de overstap van het docentschap naar een leidinggevende rol toevallig op haar pad. Het was geen overstap die met status had te maken, want daar geeft ze niks om. Ze was vooral nieuwsgierig of ze ook in een leidinggevende rol iets zinvols kon doen voor anderen. Als docent had ze het nog prima naar haar zin, maar een collega wist haar over de streep te trekken. Irene hield in haar achterhoofd dat ze altijd weer docent kon worden.
Binnen heel Saxion gaat het om mensen, maar zeker ook bij ons. We hebben veel organiserend vermogen, en onderling is er veel warmte.
Hoppa
Na drie jaar als teamleider bij de voor haar inmiddels al vertrouwde Hospitality Business School, kwam er een andere, nieuwsgierig makende vacature voorbij: manager bij de Academie Gezondheidszorg. Vervolgens ging het weer hetzelfde. “Ik twijfelde, want ik had het naar mijn zin, maar mijn leidinggevende zei: ‘t is tijd, Irene. Hoppa.”
Ook bij deze Saxion-academie beleefde ze waardevolle, leerzame jaren. Maar na zes jaar bij AGZ was daar ineens de vacature voor HBS-directeur, de rol waarvan ze bijna – met lichte weemoed – afscheid neemt. Wat maakt de HBS zo uniek? “Onze academie is altijd erg geëvolueerd, zeker de afgelopen jaren. We hebben de kunstopleiding erbij gekregen, Interior Design. Binnen heel Saxion gaat het om mensen, maar zeker ook bij ons. We hebben veel organiserend vermogen, en onderling is er veel warmte. Het bruist hier.”
Vallen en opstaan
Wanneer Irene rondloopt tussen de studenten en collega's, dan voelt ze de creativiteit en verwondert ze zich over alle ideeën. “Wat ik heel leuk vind aan onze medewerkers, is dat ze absoluut niet bang zijn om iets te proberen. Als het mislukt, dan probeer je het gewoon opnieuw. In het geval van een opleiding als Interior Design is dat sowieso belangrijk, want het is de kern van het ontwerpproces. Bij onderwijsvernieuwing wordt al snel gedacht: we moeten alles heel goed bedenken, het mag niet misgaan. Maar het is geen falen als iets niet meteen lukt. Dan ga je gewoon door, het komt wel, door vallen en opstaan. Dat is een manier van denken die ik heel inspirerend vind.”
In de zeven jaren dat Irene HBS-directeur is, heeft ze veel voorbeelden van dat ‘vallen en opstaan’ meegemaakt. Ze geeft aan dat ze samen met haar collega’s best wat ‘stormpjes’ heeft doorstaan, maar dat ze ook altijd samen zijn dóórgegaan. “Ik hoef dat niet eens te zeggen, want dat doorgaan zit gewoon in ons allemaal. Niet alleen in de docenten, maar ook in alle andere medewerkers. Zoiets wordt ook nog eens versterkt als je het bundelt.”
In vertrouwen
Hoe Irene de Hospitality Business School achter wil laten? Lachend: “Ik heb niet zoveel te willen, want ik gá het achterlaten, in heel veel vertrouwen. Als je me dit vorig jaar had gevraagd, dan had ik het misschien wat spannender gevonden. Maar deze academie, deze organisatie, hoe we het nu met elkaar doen… het staat gewoon als een huis. Natuurlijk is er altijd wel iets, maar de kwaliteit van de opleidingen is hartstikke goed, en de mensen werken met verstand en met hun hart. We hebben het gewoon goed met elkaar, en dat is je basis.”
Kijkend in haar agenda, ziet Irene dat het langzamerhand wat rustiger wordt. De tijd van beschouwen is aangebroken. “Ik vind dat je als directeur de verantwoordelijkheid hebt om je rol na een x-aantal jaren over te dragen. Want hoe dan ook druk je een stempel, en het is gewoon goed voor een organisatie om weer eens iemand anders aan het roer te hebben. Er klonk steeds harder een stemmetje in mijn achterhoofd dat zei: Irene, je hebt jezelf iets opgedragen. Maar ook nu heb ik het nog hartstikke naar mijn zin, dus een tikje onwerkelijk is het nog wel…”
Fotografie: Thomas Busschers
Versterking Saxion in Apeldoorn
Naast directeur van de Hospitality Business School, is Irene verantwoordelijk voor de versterking van Saxion in Apeldoorn. Redacteur Anne Hurenkamp sprak haar vorig jaar over deze bijzondere rol.