Ester volgde de master Educational Leadership: ‘Leidinggeven begint bij weten wie je zelf bent’
Na jaren gewerkt te hebben als docent, merkte Ester Noordman dat haar hart steeds meer lag bij het leiderschap. De master Educational Leadership hielp haar die ambitie vorm te geven én te verdiepen. “Je leert niet alleen hoe je leidinggeeft, maar vooral wie jij als leider bent.”
Als docent economie op het Twents Carmel College in Oldenzaal merkte Ester dat haar rol langzaam aan het verschuiven was. “Ik begon als vakdocent”, vertelt ze, “maar ontwikkelde me gaandeweg steeds meer richting het leidinggeven. Ik werd teacher leader van het gamma-team (geschiedenis, aardrijkskunde en economie), gaf steeds minder les en raakte intensiever betrokken bij onderwijsontwikkeling.”
Toen de onderbouwteams van twee locaties werden samengevoegd, kreeg ze de ruimte om zich volledig op dit nieuwe team te richten. Daar ontstond het besef: “Als ik dit goed wil doen, moet ik mezelf ook verder ontwikkelen op het gebied van leiderschap.”
Via een oriëntatietraject binnen de Stichting Carmel College maakte ze kennis met verschillende leiderschapsvisies en opleidingen. Hoewel de Master Leren en Innoveren logisch leek, voelde die niet als een goede match. “Die sloot niet goed aan bij mijn interesses. Toen hoorde ik via via over de Master Educational Leadership. De inhoud sprak me aan. Deze master ging veel meer over persoonlijk leiderschap en hoe je anderen mee kunt nemen in ontwikkeling. Dat paste beter bij mij.”
Terug in de schoolbanken
De start van de opleiding vond ze pittig. “Je zit ineens weer in de schoolbanken, in een groep van 25 mensen uit het po, vo en mbo. Een heel gemêleerd gezelschap: jong, ouder, ouders van jonge kinderen – alles zat erbij. Dat maakte het in het begin wat onwennig, maar tegelijkertijd merkte je dat iedereen er met hetzelfde doel zat.” De Engelstalige literatuur en het hoge niveau vroegen om aanpassing. “In het begin was het echt schakelen: wetenschappelijke artikelen over leiderschap en onderwijskundige praktijken, allemaal in het Engels. Maar het werd ook meteen duidelijk: dit is de basis onder alle modules. Dan weet je waar je aan toe bent.”
Wat haar het meeste aansprak, was de directe koppeling met de praktijk. Alle opdrachten, thema’s en onderzoeksvragen waren verbonden aan haar eigen werkomgeving. “Dat maakt de opleiding zó waardevol. Alles wat ik deed, ging over mijn eigen school en team. Je groeit daardoor voortdurend in je leiderschapspraktijk.”
Je moet mensen echt leren kennen. Wie zijn ze, wat kunnen ze, waar lopen ze tegenaan? Ik neem daar veel tijd voor. En doordat ik zelf docent ben geweest, kan ik dichtbij komen.
Tegelijkertijd vond ze het doen van onderzoek best een uitdaging. “Ik ben geen onderzoeker, en dat zal ik ook nooit worden. Maar ik heb geleerd hoe ik onderzoek systematisch kan aanpakken, en vooral: hoe ik literatuur kan gebruiken als toetssteen. Wat zegt de wetenschap over dit vraagstuk? Dat neem ik nu altijd mee. Als er iets speelt in de school, duik ik eerst de literatuur in. Vaak vind je daar al richting of antwoorden.”
Het belang van relaties
De opleiding was goed te combineren met haar werk, maar dat vroeg om strakke regie. “Het is niet iets wat je er zomaar even bij doet. Je moet die twintig uur per week echt reserveren. Ik heb het thuis goed afgestemd. Mijn omgeving wist: als ik me afzonder, is dat voor de studie. Dan blokte ik ook echt tijd. Het kost je wat – vrije tijd, energie – maar daardoor heb ik het in twee jaar kunnen afronden.”
Ze besloot ook bewust om tijdens haar studie niet van functie te wisselen. “Sommige medestudenten solliciteerden al tijdens het afstuderen, maar ik wist: ik wil dit eerst afronden. In juni studeerde ik af, in september begon ik aan mijn nieuwe baan als teamleider.”
In haar huidige functie geeft ze leiding aan een groot onderbouwteam van bijna veertig mensen, verspreid over twee locaties in Lichtenvoorde en Groenlo. De inzichten uit de opleiding past ze dagelijks toe. “Wat ik vooral meeneem, is het belang van relaties. Je moet mensen echt leren kennen. Wie zijn ze, wat kunnen ze, waar lopen ze tegenaan? Ik neem daar veel tijd voor. En doordat ik zelf docent ben geweest, kan ik dichtbij komen. Dat helpt. Ik merk dat mensen dat waarderen.”
Leiderschap begint bij jezelf
Wat haar het meest is bijgebleven uit de master, is de ontwikkeling van haar persoonlijk leiderschap. “Je leert jezelf goed kennen: wat is je voorkeursgedrag en wat is het effect daarvan op anderen? Je leert waar je kracht zit en waar je moet bijsturen. Voor mij is dat mensgerichtheid. Dat is mijn kracht, maar daar zitten ook valkuilen aan.” Ook het voortdurend reflecteren is iets dat ze heeft meegenomen. “Terugkijken: wat heb ik gedaan, waarom, wat heeft het opgeleverd? Dat is een vaste gewoonte geworden.”
Toekomstplannen heeft ze niet strak omlijnd. “Ik geloof dat je altijd blijft leren. Zodra het werk routinematig wordt en er geen uitdaging meer is, moet je verder kijken. Maar waar ik dan uitkom, weet ik niet. Voor nu zit ik op mijn plek.” Voor toekomstige studenten heeft ze een duidelijke tip: “Zorg dat je bijblijft. Natuurlijk kun je omstandigheden hebben waardoor dat niet lukt, maar als het wél kan: blijf in het ritme. En werk samen. Je hoeft het niet alleen te doen. Iedereen heeft sterke en zwakke kanten. Maak daar gebruik van. Alleen is het echt te zwaar, samen kom je verder.”