Kennisversneller Niek Zuidhof: slimme sensoren in de zorg
Kennisversnellers. Dat zijn nieuwsgierige mensen die hun kennis concreet naar de praktijk brengen. In het eerste deel van deze serie, gaan we in gesprek met associate lector Niek Zuidhof. Over een project dat het Deventer Ziekenhuis heeft geholpen met de adoptie van slimme sensoren in de zorg. “De beloftes zijn heel mooi.”
De interviewafspraak met Niek Zuidhof vindt plaats bij het lectoraat Employability Transition. Geen toevallige locatie, blijkt al snel. Het onderwerp waarover we in gesprek gaan – slimme sensoren in de zorg – houdt zeker verband met de manier waarop zorgprofessionals hun werk uitvoeren. En met de manier waarop hun patiënten, de ‘dragers’ van slimme sensoren, zorg kunnen ontvángen.
Waaraan moet je denken bij slimme sensoren in de zorg? “Wij noemen het slimme sensoren,” reageert Niek, “maar over de juiste benaming is nogal wat discussie in de praktijk. Er wordt vanuit het ziekenhuis vaak over de draagbare sensor gesproken. Het idee erachter is in ieder geval dat zo’n sensor slimme functies heeft. Voor ons onderzoek, dat gefinancierd is vanuit TechYourFuture, hebben we de viQtor smartQare gebruikt: een soort armband die de vitale waarden van een patiënt meet, plus enkele andere gezondheidsparameters.”
De viQtor smartQare-sensor.
Gebruikersperspectieven
Hartslag, ademhalingsfrequentie en zuurstofsaturatie. Dat zijn typische voorbeelden van waarden die een slimme sensor meet. Niek vertelt dat het Deventer Ziekenhuis als praktijkpartner aangaf specifiek met de viQtor smartQare-sensor een pilot te willen starten. “Hiervoor hebben ze enkele afdelingen geselecteerd. Heelkunde, bijvoorbeeld. Op die afdeling wilden ze een aantal patiënten uitrusten met de sensor, om naast de reguliere werkwijze te kijken wat zoiets oplevert. Want de beloftes zijn heel mooi: de sensor zou bijvoorbeeld automatisch dingen kunnen registreren in het patiëntendossier. Bovendien zou je vroeger kunnen detecteren of het de verkeerde kant opgaat met een patiënt, en dan kun je dus ook sneller ingrijpen.”
Het Deventer Ziekenhuis vond het belangrijk om zowel verpleegkundigen als patiënten al vroeg bij het onderzoekstraject te betrekken. Dit leidde tot twee specifieke ‘lijnen’ in het onderzoek, die respectievelijk keken naar de manier waarop slimme sensoren het best kunnen worden geïmplementeerd en hoe daarbij rekening moet worden gehouden met gebruikersperspectieven; het laatste zowel gezien vanuit de verpleegkundige als vanuit de patiënt.
Associate lector Niek Zuidhof bij het Deventer Ziekenhuis.
Kant van de patiënt
Niek vervult zowel bij het lectoraat Employability Transition als bij het lectoraat Technology, Health and Care de rol van associate lector. Een ideale combinatie, vooral gelet op zijn onderzoekslijn, waarin het gaat over de adoptie, implementatie en inbedding van technologie in iemands werk. “In de praktijk blijft het daar vaak steken. Dan is er een prachtig product, dat uiteindelijk niet opgepakt wordt of zelfs stof staat te happen in een kast. Het blijkt dat het toch heel moeilijk is om iets goed in te bedden, en vervolgens ook weer op te schalen. Dat heeft vaak te maken met dat er niet wordt begonnen bij degene waarvoor je de technologie uiteindelijk wilt toepassen.”
Dat moest anders, besloten Niek en zijn collega’s. Allereerst zoomen we in op de kant van de patiënten: wat vinden zij ervan als hun gezondheid door sensoren in de gaten wordt gehouden? “Die vraag hebben we meegenomen, en tot onze verrassing was de reactie behoorlijk positief. Iedereen heeft altijd de keuze, ook in het ziekenhuis. Voor je behandeling kun je in gesprek gaan over wat wel en wat niet past, en dan komt de arts met een behandelvoorstel, een advies. Het is ook van belang hoe je het brengt. Ga je zeggen: dit passen we toe, of vraag je bijvoorbeeld of iemand wil meedoen aan een nieuw onderzoek? Sommige mensen vinden dat spannend, maar er zijn er ook genoeg die dat wel prima vinden.”
Eerder deden we in projecten twee jaar over zoiets, om het goed te ontwikkelen voor verschillende zorgorganisaties. Nu hebben we alles in een paar maanden kunnen doen.
De ziekenhuiskant
Ook zorgprofessionals staan vaak positief tegenover het gebruik van slimme sensoren. Wat niet wegneemt dat er soms zorgen kunnen zijn, bijvoorbeeld over het afnemen van persoonlijk contact tussen een patiënt en een verpleegkundige. We praten over het voorbeeld van een arts die een stethoscoop gebruikt: niet alleen een manier om ‘naar iemands longen te luisteren’, maar ook een moment van persoonlijke aandacht. Des te belangrijker is het daarom dat patiënten en professionals al vroeg bij de adoptie van iets als een slimme sensor worden betrokken. Tijdens het onderzoekstraject ging het Deventer Ziekenhuis echt met slimme sensoren aan de slag: een voorwaarde voor het opdoen van relevante ervaringen.
Voor het project is een bestaand ‘implementatie-framework’ gebruikt, dat vervolgens is afgestemd op het onderzoeksthema. Binnen het framework wordt in brede zin naar implementatie gekeken, van wet- en regelgeving tot de context waarin je technologie inzet. Dit alles werd vertaald naar een compact implementatieplan, waarin concrete stappen en acties voor het ziekenhuis zijn omschreven. Niek: “Eerder deden we in projecten twee jaar over zoiets, om het goed te ontwikkelen voor verschillende zorgorganisaties. Nu hebben we alles in een paar maanden kunnen doen.”
Ook technisch geneeskundige Marlous Verhulst, die vanuit het Deventer Ziekenhuis bij het project was betrokken, is enthousiast. Als we haar later benaderen, vertelt ze dat het Deventer Ziekenhuis meer inzicht heeft gekregen in het gedrag van verpleegkundigen bij de adoptie van slimme sensoren. “Dankzij de kennis van de onderzoekers van Saxion zijn deze inzichten verwerkt in een implementatieplan, waardoor we gerichte stappen konden zetten die de acceptatie en het gebruik van de sensoren bevorderden.”
Volgende stap
Het project leverde niet alleen een compact implementatieplan op, maar ook een andere compacte tool waarmee een ziekenhuis zelf de adoptie van technologie kan onderzoeken. Aan al dan niet succesvolle adoptie kun je tientallen factoren koppelen, legt Niek uit. Onderzoekers Jolien Stokkers (Technology, Health and Care), Stefan Huijser (Employability Transition) en Oscar Peters (International Business) richtten zich in het project op het terugbrengen van die complexiteit naar een vragenlijst met slechts een zestal items, een zogenaamde pulsenquête.
Kunnen ziekenhuizen nu ook al echt met het implementatieplan en die pulsenquête gaan werken? “Ja,” antwoordt Niek. “Het plan dat we hebben opgeleverd is kant en klaar, met concrete aandachtspunten. Vanuit die aandachtspunten zijn we met het Deventer Ziekenhuis een nieuwe subsidieaanvraag ingegaan, want we willen dit graag continueren. Bij het ziekenhuis hebben ze dus een pilot gedaan waarbij de draagbare sensor naast het huidige werkproces is ingezet. In de volgende stap willen we kijken naar de inzet in plaats ván het huidige werkproces, om te zien of de gevonden effecten er dan nog steeds zijn. En als die effecten positief zijn, dan zou er opgeschaald kunnen worden naar andere afdelingen, of naar meer patiënten.”
De patiënt ondergaat het, die draagt de sensor en hoeft daar verder niet veel mee te doen. Het verschil voor de professional is groter, omdat je op een andere manier met gezondheidsgegevens omgaat.
Trendanalyse
Hoewel veel patiënten en professionals positief naar het gebruik van slimme sensoren kijken, zijn er ook belangrijke verschillen tussen de ervaringen van deze twee groepen. “De patiënt ondergaat het, die draagt de sensor en hoeft daar verder niet veel mee te doen. Het verschil voor de professional is groter, omdat je op een andere manier met gezondheidsgegevens omgaat. Normaal gesproken gaat er in het ziekenhuis bijvoorbeeld een verpleegkundige langs om iemands bloeddruk of zuurstofsaturatie te checken. Nu wordt er continu data verzameld. Dat betekent dat de besluitvorming van een verpleegkundige – het klinisch redeneren – meer gaat lijken op een soort trendanalyse. Wat zie je gebeuren over de tijd? Dus geen losse puntmetingen meer, maar continu en veel sneller.”
Of de beslissingen van de zorgprofessional daardoor ook accurater worden? Niek: “Dat is in ieder geval de belofte, dat je vroegtijdiger kunt detecteren, bijvoorbeeld om in de gaten te houden of bij iemand die geopereerd is complicaties optreden. Daarbij moeten we vertrouwen op de literatuur en de tests met die draagbare sensor. Het idee is dat je in een vroeger stadium mogelijke complicaties kunt zien, terwijl je de letterlijke signalen pas later zult krijgen van de patiënt zelf. Dan kun je eerder ingrijpen.”
Warme lijn
De druk op de zorg is groot, lezen we in de media. Niek geeft aan dat slimme sensoren in dat verband niet als de heilige graal moeten worden gezien, maar dat het meer gaat om veel kleine oplossingen die samen bijdragen aan een groter geheel. Zo zou doorlopende monitoring van patiënten er bijvoorbeeld ook voor kunnen zorgen dat iemand eerder uit het ziekenhuis kan worden ontslagen. Immers: als die monitoring in een thuissituatie betrouwbaar kan worden voortgezet, dan is er ook nog voldoende tijd om terug te keren naar het ziekenhuis wanneer er toch complicaties zijn.
Maar of slimme sensoren de druk op de zorg daadwerkelijk gaan verlichten? Dat blijft volgens Niek voorlopig nog onderwerp van discussie. Denk alleen al aan de lange wachtlijsten die er zijn: ook al kan een patiënt dankzij technologie sneller worden geholpen, dan nog zal de volgende patiënt al direct klaarstaan. Voor de zorgprofessionals van de toekomst hoopt Niek dat nieuwe technologieën een steeds centralere plek in het onderwijs krijgen. Ook hoopt hij dat de “warme lijn” die er is met het Deventer Ziekenhuis de komende jaren net zo warm blijft. Zodat de zorgoplossingen van morgen op een gedegen, maar toch ook snellere manier naar de werkvloer kunnen worden gebracht.
Fotografie: Thomas Busschers
Meer info over Slimme sensoren in de zorg?
Ga dan naar de projectpagina van TechYourFuture.