Headerafbeelding - Blond meisje met zwart VR bril

Vernieuwingsonderwijs

Het lectoraat Vernieuwingsonderwijs is ontstaan naar aanleiding van de maatschappelijke discussie over de effectiviteit van traditioneel vernieuwend onderwijs.

Er was behoefte aan een praktijkrelevante wetenschappelijke beschouwing en een aanscherping van de onderwijsvisie. Ons streven is door middel van onderzoek de kwaliteit van het vernieuwingsonderwijs en de professionalisering van docenten te vergroten.

studenten aan tafel

Onderzoek op uw school

Ook u kunt uw onderzoeksvraag bij ons neerleggen. Wij voeren vervolgens toegepast onderzoek uit. Dit gebeurt onder leiding van de lector, samen met studenten, docenten én u als organisatie. Gezamenlijk werken we aan de kwaliteit van het onderwijs en de verdere professionalisering van de docenten. Neem contact op met het lectoraat voor meer informatie.

Concrete oplossingen

Het lectoraat vertaalt onderzoeksresultaten naar concrete oplossingen voor de beroepspraktijk. Onze intensieve samenwerking met de Nederlandse Dalton Vereniging en de daltonscholen is uitgebreid naar vernieuwingsscholen die aangesloten zijn bij de Nederlandse Jenaplan Verenging, de Freinet-beweging en de Vereniging Bijzondere Scholen.

Gezamenlijk werken we aan de kwaliteit van het onderwijs en de verdere professionalisering van de docenten.

Het praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek van het lectoraat Vernieuwingsonderwijs is onderverdeeld in vier hoofdlijnen.

Begin 20ste eeuw vond er een verandering plaats in onderwijsland. Er was behoefte aan vernieuwing van het basisonderwijs. Er waren meerdere initiatieven, met als gemeenschappelijk thema: het veranderen van de oude school.

De oude school zou star, methodisch, intellectualistisch en autoritair zijn. Leerlingen zijn er te passief, er wordt geen rekening gehouden met de verschillen tussen kinderen en het onderwijs is vervreemd van de praktijk van het leven. De vernieuwers pleitten voor een andere kijk op het kind en een verbreding van de doelstelling van het onderwijs. De brede ontwikkeling van het kind diende voortaan voorop te staan.

Pedagogisch-didactische vernieuwingen werden de school binnengehaald om dit te bewerkstelligen en nieuwe scholen, de zogeheten traditionele vernieuwingsscholen, werden gesticht. De pedagogisch-didactische vernieuwing in deze scholen was vijfdimensionaal: individualiseren, activeren, interactiveren, contextualiseren en socialiseren.

Men trachtte het klassikale, frontale werk bijvoorbeeld te doorbreken door leerlingen zelfstandig te laten werken, leerlingen te laten kiezen waaraan ze willen werken, gelegenheid te bieden tot het helpen van elkaar en werken in groepjes, het werken aan ‘echte’ problemen, rekening te houden met de interesses en capaciteiten van leerlingen en aan te sluiten bij de leef- en belevingswereld van leerlingen.

Op grond van de reviews en synthese naar vernieuwende onderwijskenmerken zou men verwachten dat vernieuwend onderwijs doeltreffend is. Immers, het is gestoeld op evidence based kenmerken. Echter, naar de effectiviteit van het Nederlands vernieuwingsonderwijs was tot nu toe geen systematisch onderzoek verricht.

Doel

In deze onderzoekslijn wordt onderzocht wat de cognitieve en niet-cognitieve opbrengsten zijn van vernieuwingsonderwijs. Het onderzoek bestaat uit drie projecten.

In het vernieuwingsonderwijs wordt in toenemende mate belang gehecht aan contexten waarin leraren met elkaar samenwerken om de eigen professionele ontwikkeling te stimuleren. Bij professionele ontwikkeling gaat het dan om de mate waarin leraren meer open staan voor en deelnemen aan professionele dialogen en het vormgeven van hun eigen onderwijs.

Doel

Het onderzoek dat in deze lijn aan bod komt, richt zich enerzijds op de vraag hoe professionele ontwikkeling van leraren in de dagelijkse lespraktijk in kaart kan worden gebracht (en ze hierover kunnen worden geïnformeerd) en anderzijds op een tweetal aanpakken ter bevordering van de professionele ontwikkeling van leraren in het primair en voortgezet onderwijs.

Hier links inbouwen naar drie onderzoeken Leraren leren

Brede vorming wordt door onderzoekers, beleidsmakers en bestuurders van vernieuwingsonderwijs en -scholen ruim opgevat. De opvattingen variëren van algemene vorming (Bildung) en 21st century skills (voorbereiden op de toekomst) tot sociaal-emotionele ontwikkeling, talentontwikkeling en persoonlijke groei. Dit beeld wordt bevestigd door een inventariserende studie dat door onderzoekers van het Kohnstamminstituut in 2012 is uitgevoerd. Daardoor wordt brede vorming een containerbegrip dat alles lijkt te omvatten wat de CITO niet meet. 

In deze onderzoekslijn gaan we in op de vraag hoe brede vorming kan worden begrepen en op welke manier het vernieuwingsonderwijs kan bijdragen aan het ondersteunen en stimuleren daarvan.

Doel

Doel van de onderzoekslijn is vierledig: (a) inzicht in de visie van onderwijsprofessionals omtrent de pedagogisch-didactische realisatie van brede vorming, (b) het ontwerpen en uitvoeren van lessenreeksen samen met vernieuwingsscholen (leerkrachten van basisscholen en docenten van voortgezet onderwijs scholen) en het onderzoeken van de opbrengsten daarvan, (c) de ontwikkeling van een meetinstrument om brede vorming en opbrengsten daarvan in kaart te brengen en (d) onderzoek naar leerlingenparticipatie.

De hoeveelheid informatie en kennis groeit vandaag de dag in een veel sneller tempo dan ooit tevoren. Hierdoor is het primaire doel van leren verschoven van het kunnen herinneren en herhalen van informatie, naar het zelf effectief kunnen vinden en gebruiken ervan. Vanuit het perspectief van levenslang leren wordt het leren leren dan ook minstens zo belangrijk als het leren zelf. Dit betekent dat leerlingen al vanaf het basisonderwijs bewust moeten worden gemaakt van de leerstrategieën die bijdragen aan het bereiken van (leer)doelen en moeten leerlingen leren daar kritisch op te reflecteren om die uiteindelijk zelf aan te kunnen sturen. 

Kenmerkend voor dit zelfgestuurd leren is dat leerlingen zelf initiatieven ondernemen, doorzettingsvermogen tonen en adaptief het eigen leerproces vorm geven. Zelfgestuurd leren is niet alleen cruciaal gebleken voor het bevorderen van de leerprestatie -en motivatie van leerlingen, maar het wordt ook genoemd als sleutelcompetentie voor levenslang ondernemend leren en als essentieel onderdeel van 21st century skills. Bovendien is zelfgestuurd leren opgenomen in het eindexamenprogramma voor de verschillende schoolvakken in het voortgezet onderwijs (zie Examenblad.nl). Het effectief stimuleren en ondersteunen van zelfgestuurd leren is dus een cruciale voorwaarde voor het welslagen van leerlingen in het vernieuwingsonderwijs en voor hun toekomstige participatie in de samenleving.

Er zijn verschillende aanpakken voor het ondersteunen van zelfgestuurd leren in het onderwijs beschikbaar. Of deze aanpakken doelmatig zijn, hangt grotendeels af van de inspanningen die leraren leveren om zelfgestuurd leren bij hun leerlingen te bevorderen. Effectief gebleken pedagogisch-didactische interventies van leraren zijn echter nog niet in detail beschreven. Bovendien ontbreekt het aan systematisch inzicht in de praktijkkennis die van leraren wordt vereist om zelfgestuurd leren te stimuleren. Praktijkkennis van leraren omvat vakinhoudelijke, pedagogische en vakdidactische kennis. Er wordt verondersteld dat dit type kennis het leraargedrag mede bepaalt. 

Het doel van deze review is tweeledig: (1) onderzoeken welke pedagogisch-didactische interventies van leraren bijdragen aan het zelfgestuurd leren van leerlingen in het basisonderwijs en (2) welke praktijkkennis van leraren hiervoor vereist is en (3) welke ICT-ondersteuning beschikbaar is voor het doelmatig ondersteunen van zelfgestuurd leren in het vernieuwingsonderwijs.

Leerlingen verschillen echter nogal met betrekking tot de mate waarin ze in staat zijn om hun eigen leerproces te controleren en bij te sturen. Zo blijken leerlingen die op deze vaardigheden deficiënties laten zien, grote moeilijkheden te hebben om nieuwe leerstof tot zich te nemen. Verschillen tussen leerlingen in de mate waarin ze in staat zijn om effectief zelfgestuurd te leren, leiden er onder meer toe dat leraren het lastig vinden om zelfgestuurd leren te implementeren en te ondersteunen in de klas. Bovendien zijn leraren in de regel hiertoe niet opgeleid en uiten ze zorgen over het vervagen van hun rol als kennisleveranciers. Observatiestudies wijzen zelfs uit dat leraren het dan ook veelal nalaten om hun leerlingen strategieën voor zelfgestuurd leren aan te leren. Gezien het belang van zelfgestuurd leren voor het leren van leerlingen, is het noodzakelijk inzicht te verschaffen in wat leraren in het vernieuwingsonderwijs moeten doen en kunnen om zelfgestuurd leren te bevorderen voor alle leerlingen en welke rol hier voor ICT is weggelegd.

Onderzoeksvragen

In deze onderzoekslijn staan de volgende vier onderzoeksvragen centraal:

  1. Welke pedagogisch-didactische interventies van leraren dragen bij aan het bevorderen van zelfgestuurd leren van leerlingen in het vernieuwingsonderwijs?
  2. Welke praktijkkennis is vereist voor het effectief inzetten van pedagogisch-didactische interventies voor het bevorderen van zelfgestuurd leren van leerlingen in het vernieuwingsonderwijs?
  3. Welke aanpakken zijn bewezen effectief voor het professionaliseren van leraren in het ondersteunen en stimuleren van zelfgestuurd leren?
  4. Waaraan moeten ICT-leeromgevingen voldoen wil er sprake zijn van een effectieve ondersteuning van zelfgestuurd leren van leerlingen in het vernieuwingsonderwijs?

Naast het doen van praktijkgericht onderzoek voor, en in samenwerking met, vernieuwingsscholen wil het lectoraat ook een sterke bijdrage leveren aan de professionalisering van leraren die werkzaam (willen) zijn in het vernieuwingsonderwijs. Dat doen we op een aantal manieren. Zo begeleiden we bijvoorbeeld stageonderzoek dat binnen een van de vier onderzoekslijnen van het lectoraat in het kader van een bachelor en/of masterstudie kan worden uitgevoerd. 

Stimuleren van zelfgestuurd leren bij kinderen

Themadocentschap binnen het lectoraat vernieuwingsonderwijs van Patrick Sins.
Betrokken docent: Hilde-Marie van Slochteren

De praktijk

In de klas zien we dagelijks grote verschillen in de manier waarop kinderen in staat zijn hun eigen leren aan te sturen. Sommige kinderen gaan na het uitleggen van de opdracht meteen aan de slag. Ze pakken de benodigde materialen, lezen de opdracht door en gaan aan het werk. Andere leerlingen beginnen wel enthousiast, maar geven het bij de eerste de beste tegenslag op. Ook zijn er kinderen die de opdracht niet overzien, niet weten waar ze moeten beginnen en daardoor niet aan het werk komen. 

In de maatschappij verwachten we van kinderen dat zij uiteindelijk hun eigen leren kunnen aansturen, oftewel zelfgestuurd kunnen leren. Dit past ook bij de onderwijsontwikkelingen van de laatste tijd. Er zijn steeds meer scholen die thematisch onderwijs of projectonderwijs invoeren; bijvoorbeeld met onderzoekend en ontwerpend leren. Hierbij zijn de opdrachten vaak meer open van aard en niet stap voor stap voorgeschreven. Ook werken veel scholen met portfolio's en vanuit doelen. Dit kunnen doelen zijn vanuit de kerndoelen, maar ook persoonlijke doelen. Maar kunnen alle kinderen dit wel? En als kinderen hier nog moeite mee hebben, wat vraagt dit dan voor ondersteuning van de leraar? Een belangrijk onderwerp om verder te onderzoeken, aangezien zelfregulatie cruciaal is gebleken voor het bevorderen van de leerprestaties en motivatie bij leerlingen, maar ook een voorwaarde is voor het slagen van leerlingen in het (vernieuwings)onderwijs en voor hun toekomstige participatie in de samenleving.

Onderzoek

Het onderzoek van het themadocentschap sluit direct aan bij het onderzoeksthema van het lectoraat. Het onderzoek van de themadocent zal bestaan uit twee fases. Afstudeerstudenten in 2017-2018 participeren in fase 1. Hierin zal de nadruk komen te liggen op het onderzoeken van de niveauverschillen in de mate van zelfsturing tussen leerlingen in het basisonderwijs. In deze fase wordt het probleem verkend door onder andere empirische gegevens te verzamelen van basisschoolleerlingen, worden de behoefte en de context onderzocht en wordt er een literatuurstudie uitgevoerd over zelfsturing in het algemeen en de niveauverschillen tussen leerlingen hierin. Dit alles leidt uiteindelijk tot een product voor de onderwijspraktijk. 

Voordelen deelname voor student:

  • Je hoeft niet op zoek naar een probleem/hiaat in de onderwijspraktijk en kan direct met een onderwerp aan de slag.
  • Je ontwikkelt expertise op het gebied van zelfregulatie bij kinderen. Hier zal je als leerkracht altijd profijt van hebben, aangezien zelfsturing in het onderwijs altijd een rol speelt.
  • Je voert onderzoek uit waarmee je een bijdrage levert aan de ontwikkeling van de school.
  • Je levert een bijdrage aan het gehele onderzoek naar zelfgestuurd leren bij kinderen binnen het lectoraat Vernieuwingsonderwijs. 
  • Je werkt samen met studenten, een docent en eventueel andere kenniskringleden die onderzoek doen naar dezelfde problematiek. 

Wat levert het op voor school en team?

  • Meer kennis over zelfgestuurd leren bij kinderen en wat dat aan ondersteuning van de leerkracht vraagt.
  • Naast theoretische verdieping in het onderwerp leidt het tot een praktisch product dat kan worden ingezet om zelfgestuurd leren bij kinderen in kaart te brengen.

Belangstelling?

Neem contact op met de themadocent: Hilde-Marie van Slochteren via mail of telefoon: 088-019 5230.

Sinds studiejaar 2016/2017 heeft de Master Leren & Innoveren Onderzoekende Ontwerper de officieel gecertificeerde mastertracks dalton en montessori. De master leidt je op tot onderzoekende ontwerper. Ondertussen verruim je door middel van de mastertrack je kennis en vaardigheden van dalton- of montessorionderwijs. Studenten werken vanaf dag een aan hun eigen dalton- of montessoriproject en verdiepen zich in een van de belangrijke thema’s van dalton of montessori. Dit project passen ze meteen in hun onderwijspraktijk toe en is de rode draad tijdens hun masteropleiding. De cursorische leerlijn is bovendien zo ingericht, dat studenten zich tijdens hun masterstudie verder kunnen verdiepen en professionaliseren in de pedagogische, didactische en onderwijskundige opvattingen en potenties van hun eigen traditie. 

Redenen om te kiezen voor deze master:

  • De competenties die je op doet zijn praktisch en direct toepasbaar in je onderwijspraktijk.
  • Vanaf de eerste bijeenkomst ben je bezig met een eigen project, binnen jouw school.
  • Je wordt begeleid door een onderzoeker van het lectoraat Vernieuwingsonderwijs.
  • Je studeert samen met een cohort studenten die werkzaam zijn in het dalton- of montessorionderwijs.
  • Er is ruime aandacht voor het ontwerpen van onderwijs.

De Nederlandse Dalton Vereniging reikt het certificaat 'daltoninnovator' uit aan afgestudeerden van de master. Montessorileraren die de master met goed gevolg afronden ontvangen een certificaat van de Nederlandse Montessori Vereniging. 

Aanmelden voor de mastertrack? Klik hier voor meer informatie.

Een minor is een samenhangende en zinvolle combinatie van onderwijseenheden rondom één centraal thema. Elke hogeschoolstudent maakt in zijn 3e of 4e jaar een keuze voor een minor, die altijd een half jaar duurt en 30 studiepunten bevat. Studenten kiezen uit het aanbod van de eigen hogeschool, maar ook een keuze uit het landelijke aanbod van minoren van hogescholen is mogelijk. Een minor is vaak geschreven voor een bepaalde groep studenten. 

Sinds 2015 heeft het lectoraat een verdiepende minor Focus op dalton. Doel van de minor is studenten te informeren over de theorie en praktijk van het daltononderwijs en over onderzoek naar daltononderwijs. Tevens doen studenten ervaring op, met als doel hen handelingsbekwaam te maken in het geven van daltononderwijs. Wordt het keuzevak dalton, dat onderdeel is van de minor, succesvol afgerond dan levert dat het landelijk erkende daltoncertificaat op. Meer informatie vind je op Dalton.nl/scholing.

De minor montessori richt zich, behalve op de Saxion-pabostudent, ook op de grote groep studenten die in Nederland in het 3e of 4e jaar van een pabo zitten. In deze minor volg je een deel van de officiële opleiding tot montessorileerkracht. Er is één lesdag in de week (elke maandag van 16.30 tot 20.00 uur) en er zijn acht hele lesdagen gericht op een specifiek thema of een specifieke vaardigheid. Alle lessen vinden plaats op de pabo in Enschede. Meer informatie vind je op Saxion.nl/montessori.

  • Eigenaarschap, Meedenken en Omdenken
    In dit boek rapporteren we over het belang en de betekenis van visitatie in het daltononderwijs. Het doel van ons onderzoek is tweeledig. Ten eerste willen we zicht krijgen op de mate waarin de kernwaarden in het visitatiekader betekenisvol en van belang zijn bij visitaties van daltonscholen. M.a.w. hebben we onderzocht hoe de kernwaarden in het visitatiekader worden gewaardeerd door degenen die het gebruiken. Ten tweede willen we nagaan in hoeverre visitaties kwaliteitsverbetering en -borging in het daltononderwijs bevorderen en welke aspecten van de visitatie daaraan bijdragen.
  • Focus op dalton
    Focus op dalton is een boek over de achtergronden en de praktijk van het dalton (basis)onderwijs in Nederland. Focus op dalton biedt aandacht aan de kernwaarden van het daltononderwijs, de geschiedenis en de toekomst en aan de organisatie van de daltonbeweging in Nederland. Lees verder
  • Dalton Plan: oorsprong en theorie van het daltononderwijs
    Met bijna vierhonderd scholen is het daltononderwijs de omvangrijkste vernieuwings richting in Nederland. De oorsprong is Amerikaans: het Dalton Plan van Helen Parkhurst uit het begin van de twintigste eeuw. Hoe zagen de praktijken de theorie van Dalton Plan eruit? Lees verder
  • Samenwerken in het daltononderwijs​: geschiedenis, praktijk en onderzoek
    Dit boek geeft een goed en helder overzicht van de historische ontwikkeling en de huidige praktijk van samenwerkend leren in het daltononderwijs. Tevens wordt de stand van zaken in het onderwijsonderzoek naar samenwerkend leren belicht. Lees verder
  • Helen Parkhurst: grondlegster van het daltononderwijs
    Drs. René Berends is werkzaam aan de pabo van Saxion in Deventer. Hij is daltonopleider en doet, als lid van de kenniskring van het daltonlectoraat, onderzoek naar daltononderwijs. Er is in Nederland een toenemende belangstelling voor het gedachtegoed van het daltononderwijs. Lees verder
  • Reflectie in het daltononderwijs​ - Geschiedenis, praktijk en onderzoek
    In het onderwijs wordt in toenemende mate belang gehecht aan reflectie. Veelal gebeurt dit in het kader van een beweging in het onderwijs  richting meer leerlinggericht onderwijs, waarbij leren door ervaren in plaats van leren door directe instructie centraal staat. Lees verder
  • Dalton Plan: origins and theory of Dalton education
    Apart from John Dewey, no American educational reformer has been as internationally successful and influential as Helen Parkhurst, the founder of Dalton education. In the 1920s and 1930s, Dalton education was spread throughout the world. Read more
  • Daltononderwijs​ in Nederland - De geschiedenis vanaf 1924
    Onder leiding van professor Philip Kohnstamm onderzoekt een onderwijscommissie van de Maatschappij tot Nut van ’t Algemeen in 1924 het daltononderwijs in Engeland. De commissieleden doen enthousiast verslag over de brede persoonsontwikkeling die de onderzochte scholen voorstaan. Lees verder
  • De effectiviteit van daltononderwijs - proefschrift van Symen van der Zee
    Zorgen over de effectiviteit van vernieuwend onderwijs gelden niet voor daltononderwijs.
  • It's about time - lectorale rede Patrick Sins
    In deze lectorale rede beargumenteert Patrick Sins dat inzicht in de relatie tussen tijd en leren noodzakelijk is om het leren van leerlingen te begrijpen en te beïnvloeden. Zo stelt hij dat effectief onderwijs direct afhankelijk is van de tijd die wordt besteed aan doelgericht leren en de tijd die nodig is om te leren. Aan de hand van een model laat hij zien dat het in acht nemen van tijd verschillen in lesopbrengsten kan verklaren. Bovendien wordt het meten van verschillen tussen leerlingen makkelijker. Het is dus hoog tijd om te reflecteren op het belang van tijd.
  • Group Problem Solving as Citizenship Education

We verzamelen artikelen, boeken, rapporten en andere documenten die interessant zijn voor onderzoek van vernieuwingsonderwijs. In deze rubriek stellen we die bronnen vervolgens beschikbaar.

Parkhurst

Op het ogenblik bestaat de verzameling uit teksten van Parkhurst, interviews van Parkhurst met kinderen, boeken waar Parkhurst op steunde, boeken en artikelen over daltononderwijs, boeken en artikelen over vernieuwingsonderwijs eind negentiende, begin twintigste eeuw. Een aantal bronnen hebben we al kunnen bewerken en beschikbaar gesteld. 

Onderzoek

Praktijk

  • saxion.nl/daltondeventer | Informatie over diverse daltonopleidingen van de pabo van Saxion: DaltonDeventer.
  • LinkedIn | De LinkedIn groep van het lectoraat daltononderwijs en onderwijsvernieuwing
  • jenaplanspecialist.nl | Jenaplanspecialist Jaap Meijer (kenniskringlid)
  • SLO.nl | Website SLO
  • daltonopleiders.nl | De website van DNO, het landelijk netwerk van gecertificeerde daltonopleiders.

Vereniging

  • Dalton.nl. Website van de Nederlandse Dalton Vereniging
  • Daltonvisie.nl. Tijdschrift DaltonVisie
  • Jenaplan.nl. Website van de Nederlandse Jenaplan Vereniging
  • Freinet.nl. Website van de Freinet Beweging
  • Vbs.nl. Website van de Vereniging Bijzondere Scholen

Uitgeverij

saxiondalton.nl | De website van Saxion Dalton University Press, de uitgever van het lectoraat.

Internationaal

Vernieuwingsonderwijs

Website van SOVO: het samenwerkingsverband van organisaties voor vernieuwingsonderwijs.

Overig

Website van LOOK (Wetenschappelijk Centrum Leraren Onderzoek) 
LOOK is er voor de professionele ontwikkeling van leraren. Onze kernactiviteit is het doen van praktijkgericht wetenschappelijk onderzoek naar de professionele ontwikkeling van, voor en door leraren. Dat gebeurt in onderzoeksprojecten in samenspraak met scholen en leraren: co-creatie. Hiermee slaan we een brug tussen onderwijsonderzoek en de praktijk.

Kenniscentrum OnderwijsInnovatie: de website van het kenniscentrum waarvan ons lectoraat deel uit maakt.

Filmpje 100 jaar montessori. De Nederlandse Montessori Vereniging bestaat in 2017 honderd jaar. Ter ere van deze verjaardag is er een film gemaakt over montessori-opvoeding en -onderwijs anno nu. Bekijk hier het filmpje.